Paragrafen

Lokale heffingen

Lokale heffingen

In de Kadernota 2021 staan richtlijnen en uitgangspunten voor de verhoging van belastingen en belastingtarieven. De belastingtarieven voor 2021 berekenen we door het tarief van 2020 te verhogen met het inflatiepercentage van 1,8%.
Dit geldt voor de volgende belastingsoorten:

  • Toeristenbelasting
  • Forensenbelasting
  • Parkeerbelasting
  • Marktgelden
  • Lijkbezorging
  • Precariobelasting; met uitzondering van de precario op kabels en leidingen dit tarief staat vast vanaf 2016
  • Leges
  • Reclamebelasting

Voor een aantal belastingen is de tarief berekening anders, deze worden hieronder uitgelegd. In de raadsvergadering van november 2020 stelt de gemeenteraad de belastingverordeningen 2021 vast.

 

Toelichting

Havengelden

In de vergadering van het Bestuurlijk Havenoverleg Twentekanalen van 2 juli 2020. is ingestemd met de wijziging van de “Verordening op de heffing en inning van haven-, kade- en opslaggelden 2021”
We willen het voor de gebruikers zo makkelijk mogelijk maken. Daarom gaan we één (administratief) havengebied maken. Schippers die voor hun reis door het Twentekanaal meerdere havens bezoeken kunnen dan één registratie doen. En ontvangen ook één factuur van het Gemeentelijk Belastingkantoor Twente namens de samenwerkende gemeenten.
De hoogte van de factuur hangt af van:
* De tijd die het schip in de havens aan het Twentekanaal ligt;
* Het aantal tonnen of containers die zijn overgeslagen
De huidige verordening passen we hiervoor aan vanaf 2021.

Rioolheffing

In de raadsvergadering van 7 december 2015 is het afvalwaterketenplan 2016 – 2020 vastgesteld. Op dit moment werken wij aan een nieuw GRP. Dit is niet afgerond vóór 2021. Voor 2021 worden de tarieven 2020 volgens het huidige GRP verhoogd met 0,45% en de inflatiecorrectie van 1,8 %.
Het tarief voor 2021 is € 332,66

Afvalstoffenheffing

Het huishoudelijk afval zamelen we in volgens het diftar systeem. Naast een vastrecht betalen gebruikers een bedrag afhankelijk van het aantal keren dat de groene en grijze container aan de straat wordt gezet. De gebruiker beïnvloedt zo zelf zijn kosten.
De kosten van de afvalstoffenheffing baseren wij op het “Model kostenonderbouwing afvalstoffenheffing” van de VNG. Door dit model krijgen we inzicht in de kosten en de gemaakte beleidskeuzes.

In oktober 2020 behandelt de gemeenteraad het Grondstoffenplan 2021-2025. Hieruit volgen de tarieven voor de afvalstoffenheffing 2021. Deze tarieven krijgt de gemeenteraad in een apart voorstel.

Onroerende
zaakbelasting

De opbrengsten van de onroerend zaakbelastingen 2021 worden met de inflatiecorrectie van 1,8% verhoogd ten opzichte van 2020.
Aan de hand van de opbrengsten en de WOZ waarde worden de OZB tarieven berekend.
De waarderingskamer schrijft voor dat de WOZ waardes uiterlijk in 2022 gewaardeerd moeten worden op basis van gebruiksoppervlakte in plaats van m3. Tribuut heeft dit als project opgepakt en voor de gemeente Lochem voor alle woningen de gebruiksoppervlakte bepaald. De basis voor WOZ beschikkingen 2021 is dus al de gebruiks-
oppervlakte.

De tarieven voor 2021 zijn:
OZB Eigenaren Woningen                               0,0836 %
OZB Eigenaren Niet Woningen                    0,1326 %
OZB Gebruikers Niet Woningen                  0,1215 %

Kwijtscheldingsbeleid
In 2021 staat € 250.000 in de begroting voor kwijtschelding van gemeentelijke belastingen.

Lokale lastendruk
Opmerking vooraf:
De gemiddelde WOZ waarde in de tabel lokale lastendruk wijkt af van de indicator Gemiddelde WOZ-waarde. De bron voor de indicator is het COELO en waarstaatjegemeente.nl (CBS).
In de tabel lokale lastendruk is de woz-waarde opgenomen die door Tribuut is berekend. Hierin zijn ook de herwaarderingen (bv naar aanleiding van bezwaar) meegenomen. Dit is dus de meest actuele waarde.

Lokale lastendruk

Bedragen x € 1.000

 

Werkelijk Prognose

 

2017

2018

2019

2020

2021

Gemiddelde WOZ waarde woning

263

273

292

313

331


Overzicht lastendruk eigenaar en gebruiker per huishouden


Bedragen x € 1.000

 

Werkelijk

Prognose

 

2017

2018

2019

2020

2021

OZB eigenaar ¹

251

251

252

272

276

Afvalstoffenheffing²

171

198

208

248

259

Rioolheffing <350 m3

304

308

318

325

333

Totaal

726

757

778

845

868


Overzicht lastendruk gebruiker per huishouden


Bedragen x € 1.000

 

2017

2018

2019

2020

2021

Afvalstoffenheffing²

171

198

208

248

259

Rioolheffing <350 m3

304

308

318

325

3333

Totaal

475

506

526

573

592

¹) Voor 2021 is de gemiddelde WOZ-waarde voor een woning een prognose en daardoor de OZB eigenaar ook. De uitkomsten van de herwaardering bepalen de definitieve waarden. 

²) In oktober 2020 wordt het Grondstoffenplan 2021-2025 aan de raad voorgelegd. Het voorstel aan de raad bevat 3 scenario’s, die nog nader uitgewerkt moeten worden. In de tabel is voor de hoogte van de gemiddelde afvalstoffenheffing in 2021 uitgegaan van het milieuscenario.

Bedragen x € 1.000

Indicator

2017

2018

2019

2020

Gemiddelde WOZ-waarde woning³

271

283

303

316

Bedragen in € 

Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden

704

749

762

845

Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden

791

829

830

906

Het overzicht lastendruk is een verplichte indicator vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording. De informatiebron is voor de gemeentelijke woonlasten het COELO en waarstaatjegemeente.nl (CBS). Voorjaar 2021 zijn de landelijke gegevens over het begrotingsjaar 2020 bekend.
³) De gegevens van het CBS zijn voor de jaren 2018, 2019 en 2020 voorlopig . De gegevens zijn pas na 3 jaar definitief.

Lokale heffingen Bedragen x € 1.000
  Werkelijk Begroting Begroting Meerjarenbegroting
Omschrijving 2019 2020 2021 2022 2023 2024
Forensenbelasting 171 170 170 170 170 170
OZB eigenaren niet-woningen 790 931 931 931 931 931
OZB eigenaren woningen 3.881 4.190 4.190 4.190 4.190 34.190
OZB gebruikers niet-woningen 580 660 660 660 660 660
Precariorechten 7.864 2.264 2.264 0 0 0
Toeristenbelasting 764 723 723 72 723 723
Totaal Lokale heffingen 14.051 8.938 8.938 6.674 6.674 6.674

Precariorechten
De precariobelasting levert ons per jaar ongeveer € 2,3 miljoen op.
De juridische procedures die Liander is gestart voor de precariobelasting over 2016, 2017 en 2018 zijn door Liander gestopt. De opbrengsten over deze jaren zijn verwerkt in de jaarrekening 2019.
We verwachten dat de aanslagen over 2020 en 2021 gewoon betaald worden. Daarna mag de precariobelasting op kabels en leidingen niet meer opgelegd worden.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Inleiding
Het weerstandsvermogen geeft de mate van de financiële robuustheid van de gemeente aan. Het weerstandsvermogen bepalen wij door de relatie te leggen tussen de middelen die beschikbaar zijn om de risico's financieel af te dekken (de beschikbare weerstandscapaciteit) en de financieel gekwantificeerde risico's (de benodigde weerstandscapaciteit).
Daarnaast geven we inzicht in de mutaties reserves en omvang van de vrij besteedbare algemene reserve.

Corona risico’s
Vanaf medio maart 2020 hebben we te maken met een pandemie die het uiterste vergt van de samenleving en ons als gemeente. Sinds maart heeft het college alles op alles gezet om zoveel als mogelijk schade te beperken en zorg te bieden waar nodig.
Omdat nog niet alle (financiële) gevolgen van de coronacrisis duidelijk zijn, nemen we in de begroting voor een aantal taakvelden risico’s op. Dit betreffen zowel incidentele als structurele risico’s. Met als uitgangspunt van begin september 2020, dat begin 2021 er een vaccin is en dat de (economische) gevolgen zoveel mogelijk eind 2024 voorbij zijn.

Beschikbare weerstandscapaciteit
De beschikbare weerstandscapaciteit van de gemeente Lochem bestaat uit:
a. Exploitatie (structurele bronnen) bestaande uit:

  • begrotingspost onvoorzien
  • onbenutte belastingcapaciteit

b. Eigen vermogen (incidentele bron) bestaande uit:

  • algemene reserve

Weerstandscapaciteit begroting 2021

Bedrag

Onvoorzien

     20.000

Onbenutte belastingcapaciteit*

5.793.000

Totaal structureel

5.813.000

* De onbenutte belastingcapaciteit, onderdeel OZB, heeft betrekking op de mogelijkheid de OZB tarieven te verhogen. Wij nemen als uitgangspunt de door het Rijk gehanteerde artikel 12 norm van 0,1809% van de WOZ waarde (meicirculaire 2020). Het verschil tussen artikel 12 norm en de OZB tarieven die wij in 2021 en volgende jaren heffen is de onbenutte belastingcapaciteit. Doordat we bij de rioolheffing en de afvalstoffenheffing uitgaan van 100% kostendekking is daar geen sprake van onbenutte capaciteit.

Weerstandscapaciteit begroting 2021

Bedrag

Algemene reserve*

18.488.000

Totaal incidenteel

18.488.000

* De stand per 31 december 2024 is de werkelijke stand per 1 januari 2020 vermeerderd met de geraamde mutaties t/m 2024. Inclusief raadsbesluiten tot en met de raad van 7 september 2020, bestuursrapportage 2020 en onttrekking algemene reserve begroting 2021.


Risicomatrix

Op basis van de inschatting van het risico stellen wij een risicomatrix op. Hiermee geven wij een overall inzicht in omvang en kans waarop het risico zich kan voordoen.

Omvang risico

Enorm              
> 1.000.000

 

16

 

1

 

Substantieel
250.000-1.000.000

8 - 10

3

2 - 17 - 18 -
19 - 23

15

 

Matig    
100.000-250.000

12

 

24

4 - 5 - 6 - 20

 

Gering    
50.000-100.000

 

22

9

7 - 21

 

Minimaal          
0-50.000

 

 

 

11

 

 

Onwaarschijnlijk
0-20%

Mogelijk      
20-40%

Aannemelijk  
40-60%

Waarschijnlijk
60-80%

Zeer waarschijnlijk 
80-100%

Kans risico


Overzicht van alle structurele en incidentele risico’s


Toelichting structurele risico's: 

1

Omschrijving Risico

Herverdeling Gemeentefonds

De voorlopige uitkomst van het onderzoek herverdeling algemene uitkering laat forse voor- en nadelen zien. Dit is een reden voor de fondsbeheerders om de herverdeling met een jaar uit te stellen tot 2022. Dit geeft de fondsbeheerders tijd voor nader onderzoek.
De huidige uitkomsten laten zien dat de plattelandsgemeenten er op achteruit gaan. Het nadeel kan oplopen tot € 80 á € 100 per inwoner, voor Lochem zou dat gaan om ca. € 3.000.000 (over 4 jaar).

 

Beheersmaatregel

De gevolgen van de herverdeling zijn nog te onduidelijk om te verwerken in onze begroting. Daarom nemen we dit op als risico.
Bij aanpassingen binnen het gemeentefonds met grote financiële gevolgen geldt een overgangsregeling. Voor de bepaling van het risico gaan we uit van een regeling voor 4 jaar.
Het is nog niet bekend wanneer de herverdeling wordt vastgesteld. Waarschijnlijk komen de uitkomsten in de circulaire van december 2020.

 

Bruto bedrag

2022: € 750.000
2023: € 1.500.000
2024: € 2.250.000
2025: € 3.000.000 (structureel)

 

Kans

Waarschijnlijk 60 – 80%

 

Netto bedrag

2022: € 525.000
2023: € 1.050.000
2024: € 1.575.000
2025: € 2.100.000 (structureel)

2

Omschrijving Risico

Aantal cliënten Ondersteuning Thuis

Er is een stijging van het beroep dat op Ondersteuning Thuis wordt gedaan. In de voorstellen rekenden we met aannames op basis van de ervaringen van het eerste jaar abonnementstarief en de vergrijzing. Met een jaar ervaring is het nog onduidelijk hoe hoog de feitelijke stijging zal zijn. Het verschil tussen 1.000 en 1.300 cliënten merken we daarom als risico aan. De omvang van het risico stijgt in de loop van de jaren doordat het aantal cliënten stapsgewijs groeit. Deze vlakt in latere jaren af omdat tegelijkertijd de inkomsten van de eigen bijdragen licht meegroeien en de splitsing van OT effect sorteert.

 

Beheersmaatregel

Door de integrale toegang bij ’t Baken kan nut en noodzaak van Ondersteuning Thuis goed worden afgewogen. Consulenten wegen de mogelijkheden van eigen kracht zorgvuldig af.
Het splitsen van het product OT in “Schoon huis” en “Grip op huishouden”.

 

Bruto bedrag

2021: € 150.000
2022: € 362.000
2023: € 627.000
2024: € 850.000

 

Kans

Aannemelijk 40 – 60%

 

Netto bedrag

2021: € 75.000
2022: € 181.000
2023: € 313.500
2024: € 425.000

3

Omschrijving Risico

Toerekening uren investeringen en grondexploitaties

Bij de voorbereiding en uitvoering van investeringen en grondexploitaties zetten wij interne uren in. Dit houdt in dat wij de kredieten inclusief de benodigde interne uren ramen. De bijbehorende salarislasten inclusief overhead verhogen het krediet. Het voordeel is dat deze lasten jaarlijks niet op de reguliere begroting drukken. Voorwaardelijk is dat er continuïteit van projecten is.
Er bestaat een risico dat er minder projecten in uitvoering worden genomen. Daardoor komen de lasten als nog ten laste van de begroting.

 

Beheersmaatregel

Op basis van de tijdregistratie wordt periodiek gerapporteerd over de stand van zaken van deze interne uren.

 

Bruto bedrag

€ 675.000

 

Kans

Mogelijk 20 – 40%

 

Netto bedrag

€ 202.500

4

Omschrijving Risico

Duurzaam beheer laanbomen buitengebied

Uit de vastgestelde tussentijdse projectevaluatie, en actuele ramingen voor het winterseizoen 2020-2021, komt naar voren dat de kosten hoger zijn dan waar we bij het circulair financieringsmodel van het project vanuit gingen. Belangrijkste redenen hiervoor zijn het hoger aantal te kappen risicobomen (werkelijk 800 stuks - geraamd 250 stuks) door de droge zomers en stormen van de afgelopen jaren, de veel lagere houtopbrengsten en de weinig marktconforme marktprijzen voor snoei en VTA (geraamd € 16 per boom – werkelijk € 23 tot € 25 per boom).
De bovengrens van de mogelijke financiële tegenvallers ramen we op € 164.000 (beschikbaar budget structureel 2021 e.v. € 220.000 – maximale kosten € 384.000). In de begroting 2021 stellen we daarom voor extra budget voor onderhoud in 2021 van € 164.000 op te nemen.

 

Beheersmaatregel

We stellen een projectevaluatie op die we in begin 2021 aanbieden aan de raad. Hierin geven we een actualisatie van de financiën, aan de hand van opgedane ervaringen en onderzoeken. De structurele financiële gevolgen vanaf 2022 nemen we op in de Kadernota 2022 op basis van de eindevaluatie.

 

Bruto bedrag

€ 164.000

 

Kans

Waarschijnlijk 60 – 80%

 

Netto bedrag

€ 114.800

5

Omschrijving
Risico

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

Bij de kadernota 2021 gingen we uit van de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) op 1 januari 2021. Deze datum hangt samen met de datum waarop de Omgevingswet definitief in werking treedt. Nu de datum voor inwerkingtreding van de Omgevingswet is opgeschoven geldt dit ook voor de Wkb. Die treedt nu ook op 1 januari 2022 in werking.
De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid van aannemers ten opzichte van particuliere en professionele opdrachtgevers uitgebreid. De wet gaat gefaseerd in. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten. Daarna volgen eventueel de meer complexere.
Met het voorgenomen stelsel van kwaliteitsborging vervallen taken van de gemeenten. Voor die taken kunnen geen leges meer geïnd worden. Landelijk is de inschatting dat gemeenten 30% minder leges kunnen heffen voor de omgevingsvergunningen bouw. De verwachting is dat dit % in Lochem iets lager ligt.
In de financiële mutaties voor de Kadernota 2021 zijn we uitgegaan van een daling van 15% van de legesinkomsten vanaf 2021. Nu de inwerkingtreding opschuift, schuift de financiële mutatie ook op naar 2022 en verder. De werkelijke impact op de legesinkomsten zien we pas na inwerkingtreding van de Wkb. Daarom hanteren we als risico de overige 15% daling van de leges. Dit risico geldt ook pas vanaf 2022.

 

Beheersmaatregel

We nemen deel aan proefprojecten gezamenlijk met aannemers en kwaliteitsborgers. Op basis van die pilots bepalen wij het uiteindelijke legestarief.

 

Bruto bedrag

€ 680.000 x 15% = € 102.000

 

Kans

Waarschijnlijk 60 – 80%

 

Netto bedrag

€ 71.400

6

Omschrijving Risico

Stijgende bouwkosten

De bouwprijzen zijn de afgelopen jaren aanzienlijk gestegen. In 2019 gemiddeld 7%. De verwachting is dat de stijging zich voortzet, maar wel afvlakt. Voor langer lopende investeringen is het risico dat de oorspronkelijke investeringsraming niet afdoende is. Er is normaal gesproken geen sprake van tussentijdse indexering bij investeringskredieten.

 

Beheersmaatregel

Ontwikkelingen in de markt volgen. Daarbij vindt eerst de afweging plaats of het haalbaar is de investering uit te voeren binnen de oorspronkelijke raming door verantwoorde aanpassing van de kwaliteit/uitgangspunten.

 

Bruto bedrag

€ 20.000 cumulatief per jaar

 

Kans

Waarschijnlijk 60 – 80%

 

Netto bedrag

2020: € 14.000
2021: € 28.000
2022: € 42.000
2023: € 56.000
2024: € 70.000

7

Omschrijving Risico

Beoordeling van initiatieven grootschalige energie opwek

Nieuwe initiatieven voor grootschalige opwek (zon en wind) vragen capaciteit aan gemeentezijde. Dit geldt voor de stroomlijning van het proces, maar vooral ook voor de landschappelijke inpassing van de initiatieven. De capaciteit voor deze nieuwe initiatieven is nu niet aanwezig.
In de toekomst wordt bij initiatieven meer gestuurd op landschappelijke inpassing/compensatie. Het is nog niet helder of we deze taak zelf gaan oppakken. Dit is afhankelijk van de omvang. Het uitbesteden, regionaal samenwerken of in eigen beheer zijn mogelijkheden die te zijner tijd nader onderzocht worden..
De bedoeling is dat de benodigde € 75.000 uit de meeropbrengst leges wordt betaald. De verwachting is dat er jaarlijks 30 ha zonneparken wordt aangelegd en daarnaast windmolens. Dit zijn grote investeringen. Leges worden geheven op basis van deze investeringen (bouwkosten). Echter er is ook nog een grote onzekerheid.

 

Beheersmaatregel

Ontwikkelingen binnen dit taakveld volgen we op de voet.

 

Bruto bedrag

€ 75.000

 

Kans

Waarschijnlijk 60 – 80%

 

Netto bedrag

€ 52.500

8

Omschrijving Risico

Jeugdhulp, extra middelen 2022 en verder

Met de meicirculaire 2019 zijn extra middelen toegevoegd voor Jeugdhulp voor 2019-2021. Voor de gemeenten is belangrijk of ze deze middelen ook voor 2022 en volgende jaren in hun begroting kunnen opnemen. Er komt een onderzoek naar de noodzaak van structurele middelen. De resultaten uit dat onderzoek (afgerond in najaar 2020) dienen als inbreng voor de komende kabinetsformatie (verkiezingen maart 2021).
Voor nu is een richtlijn afgesproken hoe de gemeenten mogen omgaan met de mogelijke extra middelen voor 2022 en verder. De richtlijn geeft aan dat de gemeenten een stelpost kunnen opnemen voor de extra middelen. Deze stelpost mag niet hoger zijn dan het extra bedrag over 2021, voor Lochem € 410.000. De extra middelen worden vanuit het financieel toezicht gezien als structureel.

 

Beheersmaatregel

Voorwaarde bij het ramen van de stelpost is dat de gemeente zelf maatregelen neemt om de kosten voor jeugdhulp te beheersen. Wij doen dat op diverse manieren.

 

Bruto bedrag

€ 410.000

 

Kans

Onwaarschijnlijk 0 – 20%

 

Netto bedrag

€ 41.000

9

Omschrijving Risico

Onbenutte ruimte onder plafond BTW-compensatiefonds

In de meicirculaire Gemeentefonds 2018 heeft het rijk de systematiek met betrekking tot de verrekening van de ruimte binnen het BTW-compensatiefonds gewijzigd. De reden hiervoor is dat (de ruimte onder) het plafond BCF momenteel al vanaf januari (in de circulaire) wordt bevoorschot, terwijl het geld pas later dat jaar door het Ministerie van Financiën bij de Miljoenennota in de begroting van het gemeentefonds beschikbaar wordt gesteld.
De wijziging levert een structureel financieel nadeel op voor de gemeenten in de begroting. Omdat er nu verrekening achteraf plaatsvindt valt een ingeschat voordeel weg.
De provincie als toezichthouder staat gemeenten toe om onder voorwaarden het budgettaire voordeel weer op te nemen in de begroting.
Wij hebben dit structureel toegepast in de Begroting 2020.

 

Beheersmaatregel

Wij nemen, conform het advies van de provincie, een behoedzame raming op in de begroting. Op grond van de septembercirculaire 2019 is dat vanaf 2020 de helft van de definitieve afrekening 2019

 

Bruto bedrag

€ 75.000

 

Kans

Aannemelijk 40 – 60%

 

Netto bedrag

€ 37.500

10

Omschrijving Risico

Omgevingswet

Het betreft een fundamentele herziening van het omgevingsrecht met grote gevolgen voor de werkwijze van de overheid. Overheden werken samen onder leiding van RWS, VNG, IPO en de Unie van Waterschappen om de invoering van de wet voor te bereiden. Parallel loopt het wetgevingsproces van het Rijk.
De invoering van de Omgevingswet kost meer tijd dan verwacht. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is nu 1 januari 2022.
Afhankelijk van de uitkomsten van het wetgevingsproces en de lokale gemeentelijke keuzes is een substantiële vermindering van de legesopbrengsten voor omgevingsvergunningen mogelijk, omdat er bijvoorbeeld meer bouwwerkzaamheden vergunningsvrij zullen zijn. Dit nadeel komt voor rekening van de gemeente.
 

 

Beheersmaatregel

Volgens de huidige inzichten kunnen gemeenten binnen de Omgevingswet zelf in hoge mate bepalen welke activiteiten vergunningsvrij worden. Daarnaast zijn serviceformules in voorbereiding om klantprocessen te stroomlijnen en zodoende de kosten te kunnen afwegen. Door het uitstel van de invoeringsdatum is het op dit moment nog niet duidelijk vanaf wanneer het risico speelt.

 

Bruto bedrag

€ 370.000

 

Kans

Onwaarschijnlijk 0 – 20%

 

Netto bedrag

€ 37.000

11

Omschrijving Risico

Toename kosten meldingen huiselijk geweld en kindermishandeling

De wet meldcode huiselijk geweld is per 2019 aangescherpt. Professionals moeten eerder overgaan tot melding bij vermoedens van huiselijk geweld. Landelijk wordt geschat dat dit leidt tot 10-15% meer meldingen. In 2019 is deze trend al zichtbaar.
De afwikkeling daarvan leidt tot hogere uitvoeringskosten voor Veilig Thuis NOG en gemeente. We verwachten deze verhoging in 2020 beter te kunnen kwantificeren. We zullen hiervoor in eerste instantie dekking zoeken binnen de gereserveerde tijdelijke middelen voor de transformatie van huiselijk geweld in 2020.
Mogelijk leidt dit in 2021 en daarna tot een stijging van € 30.000 aan extra kosten (excl. extra kosten hulpverlening).

 

Beheersmaatregel

Door deskundigheidsbevordering van professionals vergroten wij hun efficiency, dit is onderdeel van ons lokale actieplan. Door er vroeger bij te zijn, hopen we hogere zorgkosten in een later stadium te voorkomen. We zetten zoveel mogelijk bewezen effectieve interventies in.
Bij evaluatie eind 2022 worden voorstellen gedaan m.b.t. kosten en benodigd budget.
In 2021 kunnen deze extra kosten nog gedekt worden uit incidenteel budget Lokaal actieplan.

 

Bruto bedrag

€ 30.000

 

Kans

Waarschijnlijk 60 – 80%

 

Netto bedrag

€ 21.000

12

Omschrijving Risico

Renterisico

Door de lage en negatieve rente op zowel de geldmarkt als de kapitaalmarkt is in de meerjarenbegroting rekening gehouden met een rentepercentage van 0 % voor leningen met een looptijd van maximaal 5 jaar. Omdat het rentepercentage onvoorspelbaar is bestaat er een renterisico voor nieuw af te sluiten kort- en langlopende geldleningen. In de begroting 2021 is rekening gehouden met het nieuw afsluiten van een langlopende lening van € 5.000.000 tegen een rentepercentage van 0%.

 

Beheersmaatregel

Periodiek rente ontwikkeling nauwlettend volgen voor de kort- en langlopende leningen en periodiek de liquiditeitsbehoefte berekenen.

 

Bruto bedrag

€ 100.000

 

Kans

Onwaarschijnlijk 0 – 20%

 

Netto bedrag

€ 10.000

13

Omschrijving Risico

Nieuwe Wet inburgering per 2021
Risico vervalt. Op 1 juli 2021 gaat de nieuwe Wet inburgering 2021 in. Het doel van deze wet is dat alle nieuwkomers met een inburgeringsplicht zo snel mogelijk Nederlands leren spreken en aan het werk gaan.
Het betreft een nieuwe taak voor de gemeenten. Met Rijksmiddelen voeren we in 2020 de pilot duale inburgering uit. In de pilot leren we wat een nieuwkomer nodig heeft. Ook leren we hoe we effectief en efficiënt lokaal maatwerk kunnen organiseren. De pilot geeft inzicht in het effect, de kosten en de opbrengsten van onze lokale aanpak. We komen uiterlijk 1e kwartaal 2021 met een raadsvoorstel, waarin opgenomen de uitvoeringsagenda. Wij gaan ervan uit dat de Rijksmiddelen voldoende zullen zijn.

 

Beheersmaatregel

 

 

Bruto bedrag

Vervalt.

 

Kans

 

 

Netto bedrag

 

14

Omschrijving Risico

Brandweerkazerne Almen

Risico vervalt. Wij hebben een geschikte locatie voor een nieuwe kazerne voor de brandweer in Almen gevonden. Het betreft een perceel dat voldoende ruimte biedt om een kazerne te realiseren zonder heel veel extra kosten. Uit de eerste onderzoeken blijkt dat het perceel goed is in te richten en een goede ontsluiting biedt. Tevens is de bereikbaarheid voor de vrijwillige brandweer gunstig.
In september 2020 besluit de raad over het ingediende raadsvoorstel.

 

Beheersmaatregel

 

 

Bruto bedrag

Vervalt; besluitvorming brandweerkazerne Almen raad d.d. 21-9-2020.

 

Kans

 

 

Netto bedrag

 


Toelichting structurele risico’s - corona

15

Omschrijving Risico

Toename van inwoners met een uitkering

De Corona-crisis heeft grote gevolgen voor het bedrijfsleven. Een economische krimp zorgt voor een toename van het aantal inwoners met een uitkering. Deze inwoners willen we de dienstverlening geven die nodig is, het verstrekken van een uitkering en de begeleiding naar de arbeidsmarkt. Voor het jaar 2021 verwachten we , een toename tot ongeveer 500 inwoners met een uitkering. Dit zorgt voor een extra kosten van ongeveer € 500.000. De ontwikkeling van het aantal inwoners met een uitkering laat een meerjarige groei zien. Dit betekent dat de kosten richting 2022 verder kunnen oplopen. Dit is gebaseerd op de landelijke scenario’s van het cultureel planbureau (CPB) en zijn doorvertaald naar de gemeente Lochem.
Daarnaast zorgt deze toename voor extra werk bij ’t Baken. Bij 500 inwoners met een uitkering is dit een toename van 70-80. Voor de behandeling van deze aanvragen is 1 consulent extra nodig. De kosten hiervoor zijn € 100.000 (op inhuurbasis).

 

Beheersmaatregel

Sterker maken van de bestaande aanpak en samenwerkingscontacten met:

  • Het bedrijfsleven (van werk naar werk trajecten)
  • Het UWV (uitstroom vanuit de WW en beperken doorstroom naar de bijstand)

De scholen (uitstroomplekken voor jongeren die uitstromen, doorleren).

 

Bruto bedrag

€ 500.000 en € 100.000

 

Kans

Waarschijnlijk 60 - 80%

 

Netto bedrag

Structureel:

  • € 350.000
  • €    70.000 

Totaal € 420.000

 

Totaal nettobedrag structurele risico’s € 3.077.700

 

Toelichting incidentele risico’s

16

Omschrijving Risico

Grondexploitaties

Grondexploitaties brengen risico’s met zich mee. Zowel de voordelen als de nadelen komen ten gunste/ laste van de algemene middelen. Hoe langer de looptijd van een plan, hoe lastiger deze ontwikkelingen zijn in te schatten. Als uitgangspunt wordt genomen dat de afzet van de woningbouwkavels in de uitbreidingsplannen gestaag doorgaan met enkele bouwkavels per jaar.
De grondexploitatie-berekeningen zijn geactualiseerd met peildatum 1 januari 2020.
In 2019 werkten we aan een nauwkeuriger methode voor de risicoanalyse van de grondexploitaties. De risico’s en beheersmaatregelen zijn vertaald naar een rekenmodule waarmee we een Monte Carlo simulatie hebben uitgevoerd.
Op basis van de resultaten van de Monte Carlo analyse komen wij tot dit risico.
Voortaan vatten we alle grondexploitaties in één risico samen. Bij de Monte Carlo analyse rolt er geen brutobedrag en waarschijnlijkheidspercentage (kans) uit, maar komt er gelijk een nettobedrag als risico uit de simulatie.

 

Beheersmaatregel

Daar waar nodig vindt overleg plaats met de gemeenteraad over programmawijzigingen en de financiële aspecten daarvan. De ontwikkelingen op de woningmarkt, en de risico’s die daaraan kleven, worden scherp in de gaten gehouden.

 

Bruto bedrag

n.v.t.

 

Kans

n.v.t.

 

Netto bedrag

€ 860.000

17 Omschrijving Risico

Opheffen onbewaakte spoorwegovergangen

De gesprekken met ProRail over het NABO-programma (Niet Actief Beveiligde Overweg) hebben in maart 2020 tot inzicht geleid in de actuele kostenramingen. ProRail werkt hierbij met scenario’s en met opslagen voor mogelijke tegenvallers. De bovengrens van de mogelijke financiële tegenvallers in het NABO-programma wordt nu door ProRail geraamd op € 550.000 voor het deel van de gemeente Lochem, bovenop het beschikbare budget dat we al hebben. Het beschikbare budget is in de bestuursrapportage 2020 aangepast van € 775.000 naar € 867.500 door kostenstijgingen waar we niet onderuit komen.

  Beheersmaatregel Diverse beheersmaatregelen zijn mogelijk en hebben betrekking op de te beveiligen en ondertunnelen overwegen. De ontwerpen en uitvoering van deze werkzaamheden worden zo sober mogelijk uitgevoerd. Er lopen gesprekken of een alternatief voor de te beveiligen overgang Diekink mogelijk is. Daarnaast is er een aanvullende aanvraag bij de Provincie Gelderland gedaan om hun financiële bijdrage aan het programma te vergroten met € 100.000.
  Bruto bedrag € 550.000
  Kans Aannemelijk 40-60%
  Netto bedrag

€ 275.000

18 Omschrijving Risico

Wijziging Woonplaatsbeginsel Jeugdhulp

De invoering van de wetswijziging over het Woonplaatsbeginsel (wpb) in de Jeugdwet verschuift naar 1 januari 2022. De financiële gevolgen zijn nog niet bekend.
Tot die tijd is de uitkering van het Rijk gebaseerd op de werkelijke lasten met een tijdsverschil van 2 jaar (de T-2 methode). Die methode stopt en dan gaat het Rijk de uitkering berekenen op grond van objectieve gegevens zoals aantal inwoners en aantal jeugdigen tot 18 jaar.  Voor de nadelen die kunnen ontstaan bij de gemeenten komen tijdelijke compensatieregelingen. 
Er is een risico dat het drempelbedrag voor compensatie van € 500.000 niet wordt gehaald en dat de laatste verblijfplaats bij een aantal jeugdigen niet te achterhalen is waardoor gemeente Lochem moet betalen. We verwachten nu dat er in totaal 30 (voogdij) jeugdigen minder een financieel beroep doen op gemeente Lochem.  Onzeker is wat de kosten zijn van de 15 (voogdij) jeugdigen die elders wonen en onze verantwoordelijkheid worden. De overgang van de huidige situatie  (is tot en met 2021) naar de nieuwe situatie kan budgettair-neutraal verlopen. Maar dat is dus onder andere afhankelijk van kosten van de  uit- en instromende groep en of we in aanmerking komen voor tijdelijke  compensatie.

  Beheersmaatregel

We brengen met een plan van aanpak de nieuwe instroom en de uitstroom van voogdijkinderen optimaal in beeld. En de benodigde processen gaan we aanpassen en implementeren.
Net als vorige jaren onderzoeken we in 2020 en in 2021 of we in aanmerking komen voor de compensatieregelingen

  Bruto bedrag € 500.000
  Kans Aannemelijk 40 – 60%
  Netto bedrag € 250.000
19 Omschrijving Risico

Garanties

Door de gemeente is in het kader van haar maatschappelijke taak garanties verleend aan verenigingen, stichtingen en het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) voor een totaalbedrag van € 47,3 miljoen. De grootste component betreft het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) met € 46,9 miljoen. Hier loopt de gemeente nauwelijks risico op basis van de achtervangpositie bij het WSW. Totaalbedrag van de garanties waarover de gemeente risico loopt bedraagt € 0,4 miljoen.

  Beheersmaatregel Het WSW heeft afspraken gemaakt met de VNG en het ministerie van BZK over toezicht, verantwoording en informatievoorziening aan gemeenten vanuit de corporaties en het WSW over de gemeentelijke achtervangpositie binnen het WSW. Voor de overige garanties geldt dat de gemeente afhankelijk is van de bedrijfsvoering en (financiële) resultaten van de derden aan wie de garanties zijn verstrekt. Het periodiek monitoren is hier van belang.
  Bruto bedrag € 365.000
  Kans Aannemelijk 40 – 60%
  Netto bedrag € 84.000
20 Omschrijving
Risico

Afwikkeling GR Delta

Per 1 januari 2020 is de GR geliquideerd. In de voorbereiding is een liquidatiebegroting opgesteld. Deze is ook verwerkt in de begroting van de gemeente Lochem. Op dit moment lopen we tegen een aantal ontwikkelingen aan die mogelijk ook financiële consequenties hebben. Deze financiële consequenties zijn niet opgenomen in het liquidatie danwel opgenomen als PM post. Het gaat bijvoorbeeld over de afkoop van contracten.

  Beheersmaatregel In overleg met betrokken partijen proberen we tot maatwerkoplossingen te komen, bijvoorbeeld door dienstverlening in aangepaste vorm te continueren vanuit de gemeente Lochem.
  Bruto bedrag € 120.000
  Kans Waarschijnlijk 60 - 80%
  Netto bedrag € 84.000 
21 Omschrijving
Risico

Claim leverancier hulpmiddelen

Niet te vorderen claim in verband met niet nakomen Social Return verplichtingen door leverancier.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                 

  Beheersmaatregel Gesprekken met de leverancier en eventueel juridische procedure.
  Bruto bedrag € 60.000
  Kans Waarschijnlijk 60 - 80%
  Netto bedrag € 42.000 
22 Omschrijving
Risico

PlusOV

Er is met één van de vervoerders van het routegebonden vervoer nog een verschil van inzicht met betrekking tot de facturen over het schooljaar 2018-2019. Er zijn gesprekken gevoerd, deze hebben niet geleid tot een acceptabele oplossing voor beide partijen. De uitkomst van de afwikkeling van dit dispuut is op dit moment niet in te schatten, maar kan leiden tot een materieel bedrag.

  Beheersmaatregel We wachten in vertrouwen de gerechtelijke uitspraak af.
  Bruto bedrag € 130.000
  Kans Mogelijk 20 – 40%
  Netto bedrag € 39.000 


Toelichting incidentele risico’s - corona

23 Omschrijving

Oninbare belastingopbrengsten

We verwachten dat, door de coronacrisis, meer bedrijven failliet zullen gaan. Hierdoor zullen er meer opgelegde belastingen oninbaar zijn. Dit betreft voornamelijk OZB niet- woningen, Rioolheffing, en Toeristenbelasting.                                                                                               
Er wordt jaarlijks een voorziening opgenomen voor oninbare vorderingen. Dit zal voor 2021 en 2022 niet voldoende zijn.

  Beheersmaatregel Tribuut informeert ons over de aantallen aanslagen en bedragen waar uitstel van betaling voor is verleend. Hierdoor kunnen we volgen wat het risico van oninbaar is.
  Bruto bedrag

2021    € 295.000

2022    € 195.000

Totaal  € 490.000 
  Kans Aannemelijk 40 - 60%
  Netto bedrag

2021    € 147.500

2022    €   97.500

Totaal  € 245.000 
24 Omschrijving

Toeristenbelasting

We verwachten dat door de coronacrisis we minder inkomsten uit de toeristenbelasting over 2020 ontvangen en mogelijk ook nog over 2021.
In verband met tijdelijke sluiting van een deel van de verblijfsrecreatie en het ontvangen van minder gasten (i.v.m. de anderhalvemeter-samenleving) is het mogelijk dat het aantal toeristische overnachtingen en daarmee de opbrengst toeristenbelasting achterblijft. Dit wordt misschien deels gecompenseerd door extra toeristen in het hoogseizoen. 
Uitgaande van huidige uitgangspunten over de ontwikkelingen van het corona-virus schatten we in over 2020 30% en 2021 15% minder opbrengst toeristenbelasting te ontvangen dan onze begroting.

  Beheersmaatregel

Cijfers over het aantal toeristische overnachtingen 2020 hebben we niet. Ondernemers hoeven pas na afloop van het jaar het aantal overnachtingen van dat afgelopen jaar aan Tribuut door te geven. Op basis van die aangifte legt Tribuut vervolgens een aanslag op. We houden contact met ondernemers (hoteliers / campings) over hun verwachtingen.
Het Rijk nam in het eerste deel van het ‘corona-compensatiepakket’ (26 juni 2020) een voorschot op voor de toeristenbelasting van ca. € 160.000.

  Bruto bedrag

2020                         € 218.000

2021                         € 109.000

Sub-totaal             € 327.000

-/- compensatie
Rijk                           € 160.000

Totaal                       € 167.000
  Kans Aannemelijk 40 - 60%
  Netto bedrag € 83.500 

 

Totaal nettobedrag incidentele risico’s  € 2.061.000

 


Om makkelijk te beoordelen en vergelijken werken wij met een ratio weerstandsvermogen
Dit is een getal dat laat zien of wij voldoende financiële reserves hebben om risico’s op te vangen. Wij maken onderscheid in structureel en incidenteel. Bij de structurele ratio delen we het bedrag voor onvoorzien en de onbenutte belastingcapaciteit door de som van de structurele risico’s. Bij de incidentele ratio delen wij het vrij besteedbaar deel van de algemene reserve door de som van de incidentele risico’s. Onderstaand geven wij de berekening van de ratio:

Ratio structureel weerstandvermogen:



1,9
  5.813.000
= ___________
 
3.077.700


Ratio incidenteel weerstandsvermogen:



  9,0
  18.488.000
          = _____________
 
2.061.000


Ons weerstandsvermogen 
Om de ratio van het weerstandsvermogen te beoordelen, gebruiken wij de volgende beoordelingstabel:

Beoordelingstabel weerstandsvermogen

Schaal

Ratio weerstandsvermogen

Betekenis

A

> 2,0

Uitstekend

B

1,4 < x < 2,0

Ruim voldoende

C

1,0 < x < 1,4

Voldoende

D

0,8 < x < 1,0

Matig

E

0,6 < x < 0,8

Onvoldoende

F

< 0,6

Ruim onvoldoende

Bron: De beoordelingstabel weerstandsvermogen is opgesteld door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR).


Het structurele weerstandsvermogen is 1,9 en valt in schaal B en is ruim voldoende.
Ten opzichte van de jaarrekening 2019 neemt de ratio voor het structurele weerstandsvermogen af van 2,1 naar 1,9. De lagere ratio komt met name doordat de structurele risico’s zijn gestegen met ruim € 324.000. De toename van inwoners met een uitkering is als nieuw risico opgenomen als gevolg van de corona-crisis (€ 420.000). Het grootste risico blijft de herverdeling van het gemeentefonds door het Rijk.

Nu de structurele ratio onder de 2,0 ligt gaan wij hierover in gesprek met de raad. Dit is de afspraak die is vastgelegd in de beleidsnota Weerstandsvermogen en risicomanagement. De ontwikkeling van de ratio betrekken wij bij de vervolgacties op de begrotingstekorten op te lossen.

Het incidentele weerstandsvermogen is 9,0 en valt in schaal A en is uitstekend.
Ten opzichte van de jaarrekening 2019 neemt de ratio voor het incidentele weerstandsvermogen toe van 7,9 naar 9,0. De hogere ratio komt met name door een stijging van de algemene reserve met € 3,7 miljoen door het jaarrekeningresultaat 2019 minus de over te hevelen budgetten naar 2020 en de dekking van de begrotingstekorten in de begroting 2021. De  incidentele risico’s zijn gestegen met bijna € 200.000 door met name de twee nieuwe risico´s als gevolg van de corona-crisis: oninbare belastingopbrengsten (€ 245.000) en toeristenbelasting (€ 83.500).

Naast de risico’s en de ratio’s van het weerstandsvermogen, gaan wij in deze paragraaf in op de ontwikkeling van de algemene reserve. Onderstaand overzicht geeft de omvang van de algemene reserve weer in de jaren 2015 – 2024. Het verwachte saldo van € 18.488.000 in 2024 is de grondslag voor de berekening van het ratio incidentele weerstandsvermogen.


Omvang van de algemene reserve:

Overzicht verloop algemene reserve 2015-2024
Bedragen in €
Stand 31-12-2014

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2015

Toevoeging 
Onttrekking

Stand 31-12-2016

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2017

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2018

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2019

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2020

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2021

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2022

Toevoeging
Onttrekking

Stand 31-12-2023

Toevoeging
Onttrekking

  18.031.000
  ---------------
  2.494.000
-2.444.000
______________
18.080.000
---------------
1.565.000
-2.292.000
______________
17.353.000
---------------
1.695.000
-5.078.000
______________
13.970.000
---------------
7.245.000
-4.367.000
______________
16.848.000
---------------
2.480.000
-1.400.500
______________
17.927.500
---------------
7.257.000
-2.862.000
______________
22.322.500
---------------
400.000
-2.504.500
______________
20.218.000
---------------
453.000
-1.811.000
______________
18.860.000
---------------
924.000
-1.009.000
______________
18.775.000
---------------
-
-287.000

______________

Werkelijk




Werkelijk




Werkelijk




Werkelijk




Werkelijk




Werkelijk




Raming




Raming




Raming




Raming
Stand 31-12-2024 18.488.000 Raming
Inclusief bestuursrapportage 2020 en onttrekking algemene reserve begroting 2020

Algemene reserve
Met een geschatte algemene reserve van € 18,5 miljoen is de incidentele weerstandscapaciteit robuust te noemen. Dit zien we ook terug in de ratio van het incidentele weerstandsvermogen. Deze ratio is met 9,0 uitstekend. De gunstige stand van de reserve biedt ons de mogelijkheid om tekorten op te vangen. Het tijdelijk opvangen van de begrotingstekorten is op zich niet wenselijk, maar niet direct problematisch. Het geeft ons de tijd om weloverwogen keuzes te maken.
Financieel knelt het bij de structurele positie. Dit is zichtbaar met de dalende structurele ratio en de jaarlijkse begrotingstekorten. Met de herverdeling van het Gemeentefonds verwachten wij dat de tekorten nog meer oplopen. Het opvangen van tekorten door de reserves aan te spreken is niet jaarlijks vol te houden. De komende periode moeten wij aan de slag om de begrotingstekorten op te heffen. Als de gevolgen van de herverdeling overeenkomstig de landelijke verwachtingen zijn dan gaat het om ingrijpende maatregelen. Mochten wij toch kunnen rekenen op compenserende maatregelen van het Rijk dan kan dit nog weer in een ander daglicht komen te staan.
Onderstaande specificatie maakt inzichtelijk welke raadsbesluiten ten grondslag liggen aan de onttrekkingen en toevoegingen binnen de algemene reserve.

Bedragen in €
Specificatie mutaties algemene reserve
Onttrekkingen raadsbesluit 2021 2022 2023 2024
Kadernota 2018 (nieuw beleid - omgevingswet) 03-07-2017          525.000 525.000    
Bestuursrapportage 2018 (omgevingswet) 15-10-2018        -90.000        -300.000          
Kadernota 2021 (amendement 3.1 subsidie sportverenigingen) 06-07-2020          236.000      
Kadernota 2021 (motie 3.3 sport, bewegen en leefstijl) 06-07-2020                 63.000       63.000  
Bestuursrapportage 2020 (overheveling budgetten incl.
opheffen onbewaakte spoorwegovergangen)
05-10-2020       1.350.500 64.000 119.000 9.000
Begroting 2021 09-11-2020    483.000 1.459.000    827.000 278.000
TOTAAL   2.504.500 1.811.000 1.009.000 287.000
           
Toevoegingen raadsbesluit 2021 2022 2023 2024
Kaderbrief 2019 (winsten grondexploitaties) 09-07-2018   5.000            
Bestuursrapportage 2018 (winsten grondexploitaties) 15-10-2018        417.000        249.000        368.000        
Bestuursrapportage 2020 (winsten grondexploitaties) 05-10-2020          -17.000 199.000 556.000  
TOTAAL          400.000        453.000        924.000        0
           
Saldo        2.104.500          1.358.000         85.000       287.000
Inclusief bestuursrapportage 2020 en onttrekking algemene reserve begroting 2021


Financiële kengetallen maken de financiële positie inzichtelijker

In deze paragraaf geven wij een overzicht van financiële kengetallen. Met kengetallen is het mogelijk om een indicatie te geven van de ontwikkeling ten opzichte van het verleden en voor de toekomst. Tevens geven kengetallen een nadere duiding van de huidige financiële positie. Doordat alle gemeenten de kengetallen op dezelfde wijze berekenen, zijn de gemeenten onderling vergelijkbaar.

Kengetallen: Jaarrekening Begroting Begroting Norm Meerjarenbegroting
  2019 2020 2021   2022 2023 2024
Netto schuldquote 21% 38% 20% A 19% 15% 12%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 16% 32% 14% A 13% 10% 7%
Solvabiliteitsratio 47% 41% 45% B 44% 43% 42%
Structurele exploitatieruimte 3% 0% 1% B -1% -1% 0%
Grondexploitatie 10% 13% 8% A 6% 3% 1%
Belastingcapaciteit 107% 114% 112% C 112% 112% 112%
De berekening van de financiële kengetallen is exclusief de bestuursrapportage 2020 en mutaties begroting 2021 (meerjarige financiële mutaties kadernota 2021, aanvullend nieuw beleid begroting 2021 en onttrekking algemene reserve begroting 2021).
Uitzondering is de berekening van de structurele exploitatieruimte; deze is inclusief bovenstaande wijzigingen.
De berekening van het kengetal belastingcapaciteit is inclusief het voorgestelde tarief voor de afvalstoffenheffing van gemiddeld € 259 per aansluiting. Voor het grondstoffenplan 2021-2025 hebben we 3 scenario’s uitgewerkt. De definitieve kosten, en daarmee het tarief, volgen uit de keuze voor een scenario door de raad en eventuele aanpassingen hierop.


Beoordeling en toelichting kengetallen:
De afzonderlijke financiële kengetallen zeggen nog weinig over hoe de financiële positie van de gemeente is. Zo hoeft een hoge schuld geen nadelig effect te hebben op de financiële positie. Dat is afhankelijk of en wat er aan eigen vermogen en baten tegenover die schuld staat en hoe groot de kans is dat de schuld weer wordt afgelost. De kengetallen bekijk je altijd in samenhang en ten opzichte van een normenkader. Hieronder lichten wij de kengetallen toe.

Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote geeft de verhouding weer van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). De daling van de schuldquote ten opzichte van de begroting 2020 komt met name door een lagere schuldpositie en stijging van de baten (algemene uitkering en belastingopbrengsten).

Solvabiliteitsratio
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin wij in staat zijn aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De solvabiliteit blijft de komende jaren stabiel.

Structurele exploitatieruimte
Voor de beoordeling van de financiële positie is het van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.

Grondexploitatie
Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale baten. De sterke daling van dit kengetal komt met name doordat we de komende jaren veel grondverkopen verwachten en weinig nieuwe grondaankopen.

Belastingcapaciteit
De ruimte die een gemeente heeft om zijn belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en afvalstoffenheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De
belastingcapaciteit van gemeenten wordt daarom berekend door de totale woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar t te vergelijken met het landelijk gemiddelde in jaar t-1 en uit te drukken in een percentage. Het tarief voor rioolheffing en afvalstoffenheffing is bij ons 100% kostendekkend. Er is nog ruimte om het OZB tarief te verhogen (onbenutte belastingcapaciteit). Hierdoor neemt de lastendruk voor onze inwoners toe.

Normering
Om goed invulling te geven aan de waarde van deze financiële kengetallen is een normenkader van belang. We sluiten aan bij de signaleringswaarden van de provincie Gelderland.

Signaleringswaarden kengetallen provincie Gelderland

Kengetallen Provincie Gelderland 7-10-2015. Signaleringswaarden stresstest
100.000+ gemeenten
  Categorie A
Minst risicovol
Categorie B Categorie C
meest risicovol
Netto schuldquote < 90% 90 - 130% > 130%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen < 90% 90 - 130% > 130%
Solvabiliteitsratio > 50% 20 - 50% < 20%
Structurele exploitatieruimte Begr. en MJR
> 0%
Begr. of MJR
> 0%
Begr. en MJR
< 0%
Grondexploitatie < 20% 20 - 35% > 35%
Belastingcapaciteit < 95% 95 - 105% > 105%

In bovenstaande tabel staan de signaleringswaarden die de provincie Gelderland als normenkader hanteert. Aan deze categorieën is geen directie kwalificatie gegeven.

Onderhoud kapitaalgoederen

Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding
Het beleid van het onderhoud van kapitaalgoederen maken we voor iedereen duidelijk via de (meerjarige) beheerplannen en het Integrale Beheerplan Openbare Ruimte. De plannen beschrijven de staat van onderhoud zoals die is en zoals we die willen hebben. Hoe we die staat kunnen bereiken en handhaven. En hoeveel geld we ervoor nodig hebben. De beleidsuitgangspunten zijn niet veranderd, maar er zijn wel ontwikkelingen.

Eind 2019 hebben gemeente en CirculusBerkel afgesproken dat ze uiterlijk 31 december 2020 besluiten of ze met elkaar doorgaan per 1 januari 2024. Daarmee stellen we de besluitvorming over de samenwerking met 1 jaar uit. Partijen geven elkaar daarmee 1 jaar extra tijd om de samenwerking en dienstverlening verder uit te bouwen en te meten. Het ombouwen van de Samenwerkingsovereenkomst naar een Dienstverleningsovereenkomst hebben we ook uitgesteld. De samenwerking gaat in 2021 door op basis van de afspraken die we gemaakt hebben in de Samenwerkingsovereenkomst.

In februari 2019 heeft de gemeenteraad het Integraal Beheerplan Openbare Ruimte vastgesteld. In dit plan staan de kaders voor het sturen op beeldkwaliteit van de openbare ruimte. Het plan laat ook zien welke kwaliteit van beheren binnen de beschikbare budgetten mogelijk is. De raad besloot als basiskwaliteit voor de hele openbare ruimte te kiezen voor het kerngerichte thema “Spelen, bewegen en ontmoeten”.

Op dit moment kennen wij de volgende beheerplannen:

Beheerplannen

Door de raad vastgesteld

Looptijd t/m

Financiële vertaling in begroting

Achterstallig onderhoud

Openbare verlichting

2020

2023

Ja

Nee

Wegen

2018

2028

Ja

Nee

Kunstwerken

2016

2017

Ja

Nee

IBOR

2019

2028

Ja

Nee

Riolering

2015

2020

Ja

Nee

Speelvoorzieningen

2011

2020

Ja

Nee

Gebouwen

2019

2028

Ja

Nee

Ondergrondse
verzamelcontainers

2016

2020

Ja

Nee


Openbare verlichting

Beleidskader
In april 2020 is het nieuwe (digitale) beleidsplan “Licht in de openbare ruimte” vastgesteld. Onze inwoners willen een duurzame, leefbare, energiezuinige en prettige openbare ruimte. De openbare ruimte is veilig en op orde. Een goede openbare verlichting in de openbare ruimte draagt daar aan bij. We kijken waar licht nodig is, hoeveel licht we nodig hebben en op welk moment van de dag. Het nieuwe beleid draagt bij aan deze visie en aan het doel om in 2030 energieneutraal te zijn.

Beheer en kwaliteitsniveau onderhoud
In de periode van het huidige beleidsplan willen we beheersbaar de openbare verlichting uitbreiden. We onderhouden de openbare verlichtingsinstallaties om ze duurzaam in stand te houden. En we reguleren het gebruik van de openbare verlichting.
Het beheer is gericht op veiligheid, leefbaarheid, bereikbaarheid, duurzaamheid en het beperken van de milieubelasting. We onderhouden volgens een plan en voeren onderhoud op tijd uit om de kwaliteit van de openbare ruimte in stand te houden. Zo sluiten we kapitaalvernietiging en onveilige situaties uit.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens
We realiseren vervangingsprojecten in de kernen met het geld dat we daarvoor hebben. We maken een uitvoeringsprogramma waarmee we de verduurzaming en vernieuwing in beeld brengen. De vervangingsplannen zijn dit jaar gepland in de kern Gorssel. Het veranderen van de openbare verlichting van statisch naar dynamisch gebeurt aan de zandweg / het fietspad Onderlangs. Dat is een fietspad waarop veel scholieren naar het Staring college rijden. Voor 2021 gaan we de openbare verlichting vervangen in de kern Lochem.

Financiën
Tot en met 2023 is een bedrag van € 1.020.000 beschikbaar voor de vervanging van de openbare verlichting (masten en armaturen) en het verwijderen van lichtmasten in het buitengebied. Dat is € 255.000 per jaar. Binnen de exploitatie is het budget voldoende voor het gewone onderhoud en de overige exploitatielasten.

Wegen

Beleidskader
We beheren en onderhouden de wegen op basis van een wegcategorisering. De gemeenteraad stemde op 23 april 2018 in met deze aanpak. Veiligheid en goede bereikbaarheid van de weggebruikers in het buitengebied en een goede bereikbaarheid naar en van de kernen willen we waarborgen.

Beheer en kwaliteitsniveau onderhoud
De wegen onderhouden we op een minimum niveau om kapitaalvernietiging te voorkomen. Elk jaar voeren we aan de hand van inspecties onderhoud uit aan onze wegen.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens
De werkzaamheden aan de Ooldselaan in Laren zijn afgerond. De werkzaamheden aan de Markeloseweg zijn in volle gang en worden in 2021 afgerond. Ook onderhouden we een aantal andere wegen in 2021. Daaraan voorafgaand voeren we weginspecties uit. Vanwege covid 19 zijn er nog geen inspecties uitgevoerd. We gaan er vanuit dat we deze inspecties in het najaar wel kunnen uitvoeren.

Financiën
Het beschikbare budget is verhoogd met € 375.000 structureel. Daarnaast is door de raad € 1.000.000 beschikbaar gesteld, om de verschillende wegcategorieën voor 10 jaar in te richten volgens de uitgangspunten en kwaliteitsniveau. Op grond van het raadsbesluit in 2018 is het nieuwe jaarbudget à € 1.275.000 (€ 1.375.000 in de komende 10 jaar) verdeeld in:

  • een investeringsdeel voor de wegreconstructies bestaande uit € 500.000 per jaar, aangevuld in de komende 10 jaar (2018 – 2027) met € 100.000 per jaar. Totaal dus een investering van € 600.000 per jaar;
  • een exploitatiedeel voor groot en klein onderhoud bestaande uit € 775.000 per jaar.


Kunstwerken

Beleidskader
Er is een onderhoudsplan, maar dat raakt verouderd. We maken een onderhoudsplan aan de hand van een technische inspectie. De laatste inspectie is in 2012-2013 geweest. Voor 2021 staat een technische inspectie gepland. De uitkomsten van de inspectie worden ingevoerd in het beheerprogramma iAsset. Dit programma maakt een nieuw onderhoudsplan op basis van de bevindingen.

Beheer en kwaliteitsniveau onderhoud

We inspecteren de kunstwerken periodiek.

  • A. Een functionele inspectie: 1 maal per 2 jaar, t.b.v. klein onderhoud.
  • B. Een technische inspectie: 1 maal in de 8 à 10 jaar. Deze wordt uitbesteed.

Een aantal civiele kunstwerken (o.a. brug Graaf Ottoweg, brug Mettrayweg en enkel grotere duikers) komen in aanmerking voor groot onderhoud. Na de inspectie blijkt hoe de actuele toestand is. Het kan zijn dat onderhoud aan de brug Graaf Ottoweg meelift op een reconstructie van de rotonde Graaf Ottoweg/Goorseweg.

Financiën
We hebben elk jaar € 24.000 voor onderhoud. De uit te voeren inspectie en klein onderhoud betalen we hieruit. Het groot onderhoud voeren we als nieuw beleid op in de Kadernota 2022.

Groen

Beleidskader
De gemeenteraad heeft het Integrale Beheerplan Openbare Ruimte begin 2019 vastgesteld. Het plan is een belangrijke pijler voor de op te stellen Dienstverleningsovereenkomst tussen de gemeente en Circulus-Berkel. Ook biodiversiteit vinden we belangrijk. Op dit moment betrekken we Circulus-Berkel bij het op te stellen beleid en zijn we met Circulus-Berkel in gesprek hoe we biodiversiteit een plek geven bij het dagelijks onderhoud van het openbaar groen.

Beheer en kwaliteitsniveau onderhoud
De afdeling Buiten-Ruimte van Circulus-Berkel beheert en onderhoudt het openbaar groen. In 2019 is bij de besluitvorming over het IBOR het beeldkwaliteitsniveau van het openbaar groen bepaald. Door de structurele bezuiniging op het onderhoud van openbaar groen onderhouden we de plantsoenen in de dorpskernen en doorgaande wegen op kwaliteitsniveau B. Dit onderhoudsniveau B pasten we al toe in de woonwijken. Alleen de industrieterreinen onderhouden we op kwaliteitsniveau C. Dat is iets lager dan niveau B. Mogelijk kan burgerparticipatie in het groen een verdere achteruitgang van het kwaliteitsniveau voorkomen. Burgerparticipatie kan ook de tevredenheid over de kwaliteit van het onderhoud en beheer van het openbaar groen verhogen.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens
De komende periode voeren we op verschillende plekken groenrenovaties uit. Het gaat dan om plekken in de Zuiderenk en het gebied West II in de kern Lochem. Ook in de kern Laren gaan we op verschillende plekken aan de slag.

Het doel van project Duurzaam Beheer Laanbomen Buitengebied is bouwen aan een toekomstig landschap. Wat ruimte geeft om de landschapskenmerken te versterken en daarmee de waarde van het landschap vergroot. Met het goed onderhouden en waar nodig kappen en herplanten van bomen langs de wegen in het buitengebied, kunnen we van ons landschap blijven genieten. Goed onderhoud betekent waarborgen van de verkeersveiligheid voor de weggebruiker en het nemen van maatregelen waarmee we de boom kunnen laten staan. Dit alles om mensen veilig te kunnen laten wonen, werken en recreëren in ons buitengebied.
De raad heeft besloten om de bomen te beheren volgens het maximale scenario. Dat betekent dat we elk jaar ongeveer 11.500 bomen snoeien en ongeveer 386 bomen kappen, die voor een deel ook bestaan uit risicobomen. In het najaar 2020 starten we met een evaluatie van het beleid. In het voorjaar 2021 komen we met een voorstel voor aanpassingen van het beleid.

Financiën
Aan de uitvoering van het maximale scenario kunnen we € 267.700 besteden.
We evalueren dit jaar het beleid. De financiële consequenties van mogelijk nieuw beleid betrekken wij bij het raadsvoorstel in het voorjaar 2021 en de Kadernota 2022.

Riolering

Beleidskader
Het huidige Afvalwaterketenplan loopt dit jaar af. Intussen zijn we begonnen met het opstellen van een nieuw gemeentelijk rioleringsplan voor de periode 2021-2025. In 2020/2021 stellen we de raad voor een nieuw rioleringsplan vast te stellen.

Beheer en kwaliteitsniveau onderhoud
Het Afvalwaterketenplan 2016-2020 geeft aan dat Lochem de riolering structureel inspecteert volgens een ingepland schema. Eens per 10 jaar komen alle riolen aan de beurt. Hierdoor is de actuele staat van de leidingen goed in beeld. Uit het Bestuursakkoord Water blijkt dat Lochem/Zutphen/Waterschap Rijn en IJssel (WRIJ) € 2.000.000 moeten besparen (minder-meerkosten). We hebben dit doel gehaald. Zoals aangegeven is de kwaliteit van het stelsel goed en houden we het stelsel met de geplande investeringen op peil. In het nieuwe rioleringsplan komt de evaluatie van het huidige afvalwaterketenplan aan de orde. Eén van de uitgangspunten van het nieuwe plan is om door te gaan met het huidige beleid van beheer en onderhoud.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens
De zorgtaken afvalwater, grondwater en hemelwater voeren we volgens de exploitatiebudgetten uit. De samenwerking met Zutphen en het WRIJ zal zich in de toekomst vooral richten op het rioolbeheer.

Financiën
Bij de vaststelling van het Afvalwaterketenplan zijn investeringskredieten beschikbaar gesteld. In 2021 loopt de uitvoering van het vervangingsplan riolering door. Vanuit het nieuwe rioleringsplan onderzoeken we welke investering we nodig hebben.

Speelvoorzieningen

Beleidskader
De beleidsuitgangspunten in het speelruimtebeleid gemeente Lochem 2011-2020 zijn niet veranderd. In 2016 hebben we een nieuwe subsidieregeling speelruimtebeleid 2016-2021 vastgesteld.

Beheer en kwaliteitsniveau onderhoud
Speeltoestellen moeten voldoen aan de veiligheidsnormen die zijn bepaald in de Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen. Voor speeltoestellen geldt een Europese norm, NEN-EN 1176. De insteek van het onderhoudsniveau is schoon, heel en veilig.
Bij plaatsing van nieuwe speeltoestellen moeten ze een certificaat hebben. De gemeente inspecteert elk jaar bestaande speelplekken in opdracht van de gemeente op de veiligheidseisen.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens
In 2021 evalueren we ons beleid bij de speeltuinverenigingen. Hierbij inventariseren we of aanpassing van het beleid nodig is.

Financiën
Het speelruimtebeleid voeren we in 2021 uit met het geld, circa € 120.000, dat we daarvoor hebben

Gebouwen

Beleidskader
Het kader voor het onderhoud van gebouwen staat in het Meerjarig Onderhoudsplan gebouwen (MOP). Dit meerjarenplan beschrijft de staat van onderhoud zoals die is en zoals we die willen, hoe we die kunnen bereiken en handhaven is en hoeveel geld daarvoor nodig is. In het voorjaar van 2019 heeft de Raad het MOP opnieuw vastgesteld, voor de periode 2018-2022.
Minimaal eens per 5 jaar laten wij de staat van onderhoud van de gebouwen opnieuw inspecteren en vertalen naar het MOP. Hiermee voldoen wij aan de richtlijn uit het BBV om inzicht te hebben in de financiële positie en risico’s te beheersen. Uitgangspunt voor het onderhoud is de conditiemeting op basis van de NEN 2767. Daarbij is een conditie van “redelijk tot goede staat” de insteek (conditiescore 3).

Op de tweede plaats heeft het gemeentelijk accommodatiebeleid strategische invloed op de uitvoering van het onderhoud. Volgens het accommodatiebeleid is de gemeente alleen verantwoordelijk voor de instandhouding van huisvesting voor onderwijs (scholen voor primair onderwijs) en bewegingsonderwijs (gymzalen). Vaak is bij deze gebouwen sprake van een combinatie met andere maatschappelijke voorzieningen (sport-, cultuur- en welzijnsfuncties). Het beheer en onderhoud van deze accommodaties zetten wij steeds meer ‘op afstand’ en proberen wij de inzet van onze financiële middelen zover mogelijk af te bouwen. Met vertegenwoordigers in alle kernen van de gemeente Lochem overleggen we om de bezuinigingen goed te vertalen. Dit kan in situaties leiden tot verzoeken om bijvoorbeeld vernieuwing of verduurzaming van (maatschappelijk) vastgoed. Zo worden het beheer en de exploitatie van het vastgoed efficiënter. Dit proces loopt volgens afspraak continu door tot minimaal 2022.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens

Wij stimuleren en volgen ontwikkelingen binnen het accommodatiebeleid. Ons uitgangspunt is om de gemeentelijke kosten voor onderhoud en subsidiëring zover mogelijk af te bouwen. Dit doen wij samen met vertegenwoordigers van accommodaties in de kernen.

Financiën
Het deel van het MOP dat geldt voor groot onderhoud betalen we uit de voorziening onderhoud gebouwen. Die moet genoeg zijn om het toekomstige onderhoud op elk moment in de tijd uit de voorziening te betalen. In het in 2019 definitief vastgestelde MOP staat dit als uitgangspunt. Het deel van het MOP dat geldt voor klein (dagelijks) onderhoud betalen we rechtstreeks uit de exploitatierekening. Elke 5 jaar stellen wij een nieuw MOP vast, op basis van de inzichten op dat moment.

Ondergrondse verzamelcontainers

Beleidskader
Voor de inzameling van restafval en grondstoffen staan in iedere kern ondergrondse verzamelcontainers. In 2016 heeft de gemeenteraad het Grondstoffenplan en het Uitvoeringsplan Afval en Grondstoffen vastgesteld. In oktober 2020 biedt het college het Afval- en Grondstoffenplan 2021-2025 ter vaststelling aan de gemeenteraad aan.

Ontwikkelingen/beleidsvoornemens
De uitbreidingen van milieuparkjes en ondergrondse afvalcontainers die uit het Uitvoeringsplan Afval- en Grondstoffen 2016-2019 voortvloeien zijn nog niet helemaal afgerond. Wij willen nog milieuparkjes in Almen, Eefde en Lochem. In afwachting van het nieuwe grondstoffenplan hebben we de aanleg van meer ondergrondse restafvalcontainers in wijken voorlopig geparkeerd.

Financiën
Voor vervangingen hanteren we een vervangingsplan. De ondergrondse containers schrijven wij in 10 jaar af. De vervangingsinvesteringen dekken wij uit de voorziening vervanging ondergrondse verzamelcontainers. De dotatie in de voorziening dekken wij uit de afvalstoffenheffing. Volgens planning vervangen we in 2021 10 ondergrondse containers voor € 156.000.

Financiering

Financiering

Inleiding
Voor de uitvoering van de programma’s zijn financiële middelen nodig. Om tijdig en tegen gunstige tarieven gelden aan te trekken of uit te zetten is de uitvoering van de treasuryfunctie belangrijk.

Beleid financiering
In het treasurystatuut wordt de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten.

Financiering
Opgenomen vaste geldleningen

De opgenomen vaste geldleningen hebben op 1 januari 2021 een boekwaarde van € 20.576.089. In 2021 wordt hierop € 4.542.238 afgelost en aan rente is € 359.066 verschuldigd. De leningen hebben op 1 januari 2021 een gemiddeld gewogen rentepercentage van 1,77 (1,61 in 2020).
Op basis van de geprognosticeerde balans is in 2021 een langlopende lening nodig van € 5.000.000.

Bedragen x €
Berekening rente-omslagpercentage en renteresultaat taakveld treasury 2021
Door te rekenen rente    
Rentelasten lange financiering   -359.066
Rentelasten korte financiering   0
     
Rentebaten verstrekte geldleningen   58.367
De externe rentebaten korte financiering   5.000
Totaal door te rekenen rente   -295.699
Rente die aan grondexploitaties wordt doorberekend   30.000
Aan taakvelden/overhead toe te rekenen rente   -265.699
     
De werkelijk aan taakvelden/overhead toegerekende rente   415.000
Renteresultaat op het taakveld treasury  

          149.301

Specificaties    
Begrote boekwaarde investeringen per 1 januari 2021 83.000.000  
Renteomslagpercentage: 265.699 gedeeld door 1 % van 83.000.000 is 0.3  
Afgerond  0,5  
     
Rentebaten, verstrekte geldleningen aan:
Vitens  2.000  
St. Gorsselse zwembaden  17  
't Trefpunt  3.850  
Duurzaamheidslening  4.500  
Stimuleringsfonds  45.000  
Svn Blijverslening   3.000  
Totaal 58.367  


Rentevisie
Voor de begroting 2021 wordt rekening gehouden met een negatieve rente van 0,20 procent voor het aantrekken van tijdelijke liquide middelen. Voor langlopende leningen met een looptijd van 5 jaar wordt rekening gehouden met een percentage van 0 procent.

Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet voor het jaar 2021 bedraagt € 7,5 miljoen. Tot het bedrag van de kasgeldlimiet mogen kortlopende geldleningen worden aangetrokken.

Risiconorm
De gemeente Lochem zit ruim onder de renterisiconorm, omdat alleen leningen zijn aangetrokken met een vast rentepercentage voor de gehele looptijd van de lening.

Bedrijfsvoering

Bedrijfsvoering

Organisatie
De ambtelijke organisatie is ingericht volgens het directiemodel. De directie heeft beslissingsbevoegdheid. Het managementteam (MT) adviseert, informeert en stemt af.

Bestuur en ondersteuning

Indicator

2020

2021

Onderbouwing van de waarden / ambitie

Formatie

6,7

6,8

Conform wetgeving BBV, Aantal FTE per 1.000 inwoners

Bezetting

6,0

6,2

Aantal FTE per 1.000 inwoners

Apparaatskosten

575

598

Kosten (euro) per inwoner

Externe inhuur

9,4

8,5

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen

Overhead

10,1

11

Percentage van de totale lasten

De stijging van de indicatoren formatie, bezetting, apparaatskosten en overhead is het gevolg van:

  • Implementatie van het raadsbesluit evaluatie ’t Baken
  • Loonstijging cao-afspraken (verwerking 2020)

Op dit moment zijn de cao-onderhandelingen voor 2021 begonnen, de uitkomsten hiervan zijn nog niet bekend. Wel wordt een stijging van de pensioenpremies 2021 verwacht.

Personeel
In het voorjaar van 2021 presenteren wij een nieuw strategisch HR-beleid. Daarin komen thema’s aan de orde zoals: de moderne medewerker, persoonlijk leiderschap en de duurzame werkgever. Ook is er veel aandacht voor vitaliteit. Samen met de medewerkers werken wij aan het vergroten van hun vitaliteit. Tot slot nemen wij ook de inzichten en ervaringen mee van een andere manier van werken door corona.

Integriteit
Het is van belang om aandacht te blijven besteden aan integriteit bij werving en selectie. Tijdens de introductiebijeenkomsten voor nieuwe medewerkers bespreken we de gedragscode.
In 2020 hebben we een nieuwe interne vertrouwenspersoon opgeleid. Binnen de organisatie moet er blijvende aandacht zijn voor de bekendheid van de vertrouwenspersonen en integriteit in het algemeen. In 2021 gaan de vertrouwenspersonen en de coördinator integriteit hierover in gesprek met de afdelingen.
We onderzoeken of we werknemers interne coaching kan aanbieden. Het is een laagdrempelige manier om collega’s te begeleiden in hun werk en kan voorkomen dat medewerkers vast lopen. In elk geval moeten er ook in 2021 mogelijkheden zijn om interne coaching aan te bieden.
Om de kennis en vaardigheden van de vertrouwenspersonen up to date te houden is bijscholing en intervisie belangrijk.

Inkoop
In 2021 ligt de prioriteit op inkoopgebied bij milieu en sociaal. We gaan (nog) meer focussen op maatschappelijk verantwoord inkopen.
De economische gevolgen van het jaar 2020 werken door in de (lokale) arbeidsmarkt. Vanuit inkoop zetten we extra in op Social return on investment en sociale inkoop. Binnen de mogelijkheden van de Aanbestedingswet betrekken we de lokale economie bij onze inkoopopdrachten. De kansen die er liggen voor milieu, zoals circulair en klimaatneutraal inkopen moeten in onze aanbestedingen en de uitvoering van opdrachten tot uiting komen.

Informatiebeleid
In 2021 sluit Lochem aan op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Dat vraagt veel aanpassingsvermogen van onze medewerkers en aanpassing van de werkprocessen, onze informatiesystemen en de vele gegevensuitwisselingen.

Wij groeien steeds meer naar een data gedreven gemeente. Voor meer snelheid en kennis willen we meedoen in een regionaal datalab.

In 2021 doen we mee met een pilot Blockchain. Dit doen we met één andere gemeente in de regio Achterhoek en twee grote zorgorganisaties.

Om het ‘in control zijn’ op veranderingen in onze informatievoorziening te verbeteren, versterken wij de advieskracht van het Strategisch Informatie Overleg.

Gegevensbescherming
Om de naleving van de AVG te toetsen, houdt de Functionaris Gegevensbescherming verschillende interne audits in 2021. Een externe partij voert daarnaast een privacy audit uit in de eerste helft van het jaar. Het centrale onderwerp voor bewustwording binnen de organisatie is ‘datalekken’.

Informatieveiligheid
Vanaf 2021 is de Baseline Informatieveiligheid Overheid (BIO) van toepassing. Dit is de opvolger van de Baseline Informatieveiligheid Gemeenten (BIG). De BIO is een set normen waaraan wij moeten voldoen. Het aantal normen is in de BIO afgenomen. De overgebleven normen zijn scherper dan eerst.

ICT
De corona-uitbraak betekende dat bijna alle medewerkers thuis werkten. De software die nodig is om dit goed te ondersteunen hebben we aangeschaft. In 2021 werken we dit nog meer uit.

Het gebruik van Cloud-oplossingen neemt toe. Het beheer, de koppelingen en de veiligheid ervan vragen extra aandacht.
In 2020 hebbe we een aantal grote applicaties, zoals voor het Sociaal Domein en voor Vergunning, Handhaving en Toezicht aanbesteed. Voor deze applicaties wordt bij de invoering ondersteuning geboden aan medewerkers.

In 2021 vervangen we via landelijke aanbestedingen van de VNG de nodige hardware. Bijvoorbeeld laptops en telefoons. Uitrol en inrichting vragen dan de nodige inspanning.

Verbonden partijen

Verbonden partijen

Inleiding
Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk- én een financieel belang heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan dat de gemeente zeggenschap heeft, hetzij door vertegenwoordiging in het bestuur hetzij door stemrecht. Het financiële belang is het bedrag dat ter beschikking wordt gesteld en niet verhaalbaar is, dan wel het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat, indien de verbonden partij failliet gaat of haar verplichtingen niet nakomt. Als alleen sprake is van een financieel of een bestuurlijk belang dan is er geen sprake van een “verbonden partij” .
In deze paragraaf staat een opsomming van de partijen waarmee de gemeente (college, dan wel raad) een samenwerking op bestuurlijk én financieel gebied is aangegaan. Partijen waar ontwikkelingen gaande zijn of waarbij de gemeente toenemend risico loopt worden nader toegelicht.
Naast de genoemde verbonden partijen hebben we ook partijen met een subsidierelatie.

Overzicht Verbonden Partijen
De gemeente Lochem heeft de volgende verbonden partijen:

Naam Vestigingsplaats Begrote bijdrage van de
gemeente Lochem voor 2021
Risico: financieel, maatschappelijk, bestuurlijk.
-- vrijwel geen risico
- gering risico
+ matig risico
++ veel risico
      Financieel Maatsch. Bestuurlijk
Gemeenschappelijke regelingen
Veiligheidsregio NOG Apeldoorn € 2.230.000 + + -
GGD – Noord Oost Gelderland Apeldoorn € 550.000
- + -
Regio Stedendriehoek Twello € 95.283 - + +
Stadsbank Oost Nederland
Enschede
€ 231.000 - - -
Omgevingsdienst Achterhoek
Hengelo Gld.
€ 669.000 - - +
Tribuut
Epe € 668.000 - - -
Vervoerscentrale Stedendriehoek “PlusOV”
Lochem € 1.511.000
+ + +
Samenwerkingsverbanden
Gemeenschappelijk Havenbeheer Twentekanalen Bornerbroek € 29.625 - -- -

Stichtingen
Stichting Grote Kerk Lochem € 3.000 -- -- --
Stichting Achterhoek Toerisme Borculo € 50.000 - - -
Stichting Strategische Board Twello € 58.959 - - +
Stichting bevordering Techniek Onderwijs Berkelstreek Borculo € 15.000 -- -- --
Stichting Veilig Thuis Noord en Oost Gelderland Apeldoorn € 133.179 + ++ -

Deelnemingen
NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Den Haag   -- -- --
NV Vitens Velp
-- -- --
B.V. Alliander Amsterdam
-- -- --
Circulus-Berkel B.V. (CB)
Apeldoorn
- + -

Dienstverleningsovereenkomsten met CB (DVO's)
Afval

BuitenRuimte

 


DVO Afval
€ 2.850.000
DVO Buitenruimte
€ 4.793.744 (fase1) 
€ 1.093.519 (fase2)

     

 

Gegevens verbonden partijen

Gemeenschappelijke regelingen

Gegevens verbonden partijen

Samenwerkingsverbanden

Gegevens verbonden partijen

Stichtingen

Gegevens verbonden partijen

Deelnemingen

Gegevens verbonden partijen

Grondbeleid

Inleiding

Wonen, werken en recreatie zijn voor ons belangrijke onderwerpen. Om te wonen, te werken en voor recreatie heb je ruimte nodig. Bij de ruimtelijke ordening gaat het over de vraag waar we dit gaan doen. Het grondbeleid gaat over de manier waarop wij deze plannen voor woningbouw, bedrijventerreinen en recreatie denken te gaan realiseren. Het grondbeleid gebruiken we bijvoorbeeld om onze volkshuisvestingsplannen te realiseren. Over hoeveel woningen en m2 bedrijventerrein we mogen maken, maken we binnen de Clean Tech Regio met de Provincie Gelderland afspraken.
Op 29 januari 2018 heeft de raad de nota Grondbeleid 2017-2020 vastgesteld. Het grondbeleid van een gemeente is een instrument om doelstellingen voor volkshuisvesting , ruimtelijke ordening, economische zaken, infrastructuur, recreatie en natuur vast te leggen. Bij nieuwe plannen voor nieuwe woonwijken of bedrijventerreinen maken wij een keuze welk grondbeleid wij voeren. Tot nu toe kenmerkt ons grondbeleid zich vooral door de proactieve en ondernemende rol die wij innemen. Bij veel projecten ligt het initiatief bij ons. Dit heet actief grondbeleid. Bij sommige plannen werken we samen met marktpartijen, zoals bijvoorbeeld de Detmerskazerne in Eefde.
Toch zijn er ook plannen waarbij wij niet proactief zijn. De ontwikkeling van een project laten wij dan over aan marktpartijen. Dit heet dan passief grondbeleid.

Ontwikkelingen

De gemeente voert plannen voor woningbouw en bedrijventerreinen uit. Bij deze plannen maken we berekeningen van de kosten en opbrengsten. Deze berekeningen noemen we exploitatieopzetten. Uit de berekeningen blijkt of we winst of verlies maken op de plannen.
Jaarlijks stellen we berekeningen bij. Dit gebeurt omdat de markt verandert. De laatste keer dat deze berekeningen zijn geactualiseerd was begin 2020. Dit was bij het opstellen van de jaarrekening 2019. Deze berekeningen zijn gebruikt voor deze begroting. In de tabel staan de geraamde resultaten.

-=overschot Bedragen x € 1.000
Grondexploitaties eindresultaten Eindwaarde Contante waarde Einddatum
Aalsvoort-West        1.707      1.577 2023
Lochem - Stijgoord           82         71 2026
TKF              -100           -94 2022
Subtotaal        1.689     1.554  
Barchem Zuid              -850          -817 2021
Hafsen West           684         632 2023
Almen Zuid I/IIa            -229          -220 2021
Exel Clusterlocatie           190         159 2028
Etalage naar de Toekomst            -1.545          -1.399 2024
Detmerskazerne 227 201 2025
Kop van Oost         -2.955       -2.573 2026
Subtotaal -4.478 -4.016  
Totaal         -2.789       -2.462  

De verkoop van bouwterreinen is van groot belang voor het geraamde eindresultaat. De volgende fasering van de uitgifte is gebruikt voor de actuele berekeningen.

Overzicht geraamde verkopen woningen/bedrijventerreinen


Overzicht verkopen woningen / bedrijventerreinen
Grondexploitaties gemeente Lochem
Plan 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028
Aalsvoort West m2 3.503 5.264 5.264          
 

x€1.000

430 658 658          
Stijgoord

m2

3.285 2.584 2.584 2.584 2.584 2.584    
  x€1.000 550 550 388 388 388 388    
TKF m2 1.961 1.961            
  x€1.000 250 250            
Almen Zuid stuks 3              
  x€1.000 303              
Barchem Zuid stuks 9              
  x€1.000 430              
Harfsen West stuks 4 4 4          
  x€1.000 761 761 761          
Etalage naar de Toekomst stuks 8 9 8          
  x€1.000 414 824 414          
Detmerskazerne stuks 16 16 16 16 16      
  x€1.000 669 669 669 669 669      
Clusterlocatie Exel stuks     6 6 6 6 6 6
  x€1.000     227 227 227 227 227 227
Kop van Oost m2     40 40 40      
  x€1.000     1254 1113 1131      

Tussentijdse winstneming

Bij de grondexploitaties die een winst opleveren, nemen we elk jaar een deel van de winst. Dit doen we via de methode die we Percentage of Completion noemen. Als alles gaat zoals staat in de berekeningen van 2020, dan nemen we een tussentijdse winst van € 400.000 in 2021.

Jaarschijf 2021
Ieder jaar stellen we de begrotingen voor de grondexploitaties vast. Tegelijkertijd vragen we dan de budgetten voor kosten en opbrengsten per jaar aan. De jaarschijf 2021 wordt bij de begroting 2021 vastgesteld. Met de auditcommissie overleggen we binnenkort over deze (nieuwe) werkwijze binnen de grondexploitaties.
In de onderstaande tabel staan de geraamde kosten en opbrengsten die we in 2021 ramen in de grondexploitatieberekeningen. Er is daarbij gebruik gemaakt van de meest actuele berekeningen. Dit zijn de berekeningen die gemaakt zijn bij de jaarrekening 2019. De peildatum van de berekeningen is 1 januari 2020.

Jaarschijf 2021
Complex Geraamde kosten Opbrengsten
Aalsvoort West € 234.261 € 434.531
Stijgoord € 35.645 € 387.539
TKF € 125.653 € 586.003
Almen Zuid I/IIa € 137.384 € 167.200
Barchem Zuid € 149.610 € 429.789
Clusterlocatie Exel € 25.152 -
Detmerskazerne € 616.138 € 679.182
Etalage naar de Toekomst € 122.713 € 430.943
Harsfen West € 253.675 € 517.629
Kop van Oost € 618.368 € 548.953
Totaal € 2.318.600 € 4.181.769