Hoofdstuk 3 Financieel kader

Toelichting

In hoofdstuk 2 gaven wij inzicht in onze keuzes om richting te geven aan de uitvoering van het collegeprogramma ‘Dichtbij, duurzaam, doen: Lochem Inspireert!’. Daarbij gaven wij aI aan dat we te maken hebben met moeilijke en bijzondere omstandigheden. Dit hoofdstuk gaat in op de doorwerking van onze keuzes op de financiële huishouding.

De gemeentefinanciën staan al jaren onder druk. De rijksoverheid verschuift taken naar de gemeente die niet altijd financieel voldoende gecompenseerd worden. Ook het loon- en prijspeil is de afgelopen jaren harder gestegen dan de toename van het Gemeentefonds. Hierdoor moeten gemeenten steeds scherper aan de wind zeilen. Dat geldt ook voor de gemeente Lochem. Toch willen wij de ambities uit het collegeprogramma, langs de vijf thema’s, waarmaken. Ook dit jaar vraagt dat weer de zorgvuldige afweging tussen het nieuw of te intensiveren beleid en de ombuigingen die daarvoor nodig zijn.

We creëren ruimte om te investeren in onze vijf thema’s
Op basis van de vijf thema’s zoals toegelicht in hoofdstuk 2 stellen wij voor volgend jaar nieuw beleid voor. Deze keuzes kosten geld. Geld dat de laatste jaren zeer schaars is. Dit vraagt daarom van ons keuzes. Keuzes in de vorm van ombuigingen. Maar ook door zaken niet uit te voeren of in afgeslankte vorm. Ook vraagt de huidige tijd om overleg met partners om de moeilijke financiële situatie waarin veel gemeenten verkeren onder de aandacht te brengen. Zo is er intensief contact met verbonden partijen en vragen wij nadrukkelijk aandacht bij rijk en provincie.
De financiële mutaties en ombuigingen die noodzakelijk zijn om onze financiën in balans te houden lichten wij toe in bijlage 3 en 4. De voortgang van de lopende taakstellingen lichten wij toe in bijlage 5.

Een aantal onderwerpen vraagt onze extra aandacht
Het maken van keuzes levert vaak spanningen op. Onder ideale omstandigheden kennen wij de maximaal benodigde financiële middelen aan alle beleidsterreinen toe. Zoals aangegeven is onze financiële ruimte zeer beperkt. Ook het op afstand staan van partijen, beperkt onze directe invloed en daarmee de keuzevrijheid. Voor onderstaande onderwerpen gaan wij hier nader op in.

Deze kadernota bevat geen extra middelen voor Schouwburg Lochem, afzonderlijk raadsvoorstel volgt
De schouwburg Lochem heeft budget nodig voor een investering (incidenteel) en stijgende vaste lasten (structureel). De maatschappelijke prestaties van de schouwburg zijn goed: in de periode 2016-2019 is een stijging van 80% in activiteiten en van 60% in bezoekersaantal gerealiseerd. Tegelijkertijd stijgen de operationele kosten door externe oorzaken, zoals CAO-stijgingen en noodzakelijke investeringen in het gebouw als gevolg van wettelijke eisen. Het meest urgent daarbij is de verouderde trekkenwand; die voldoet niet meer aan de wettelijke veiligheidseisen. Voor de middellange termijn is de dekking van de stijgende structurele lasten een belangrijk aandachtspunt.

De schouwburg Lochem heeft deze problematiek in bestuurlijke overleggen met de gemeente aangekaart. De vraag om extra middelen voor de schouwburg is niet meegenomen in deze kadernota. Er zal in de komende periode een traject met de schouwburg doorlopen worden, in interactie met de gemeenteraad (voor zover praktisch mogelijk).

De aanvraag van subsidies sportverenigingen nemen wij niet op in deze kadernota
Binnen de regeling Sportvoorzieningen ontvingen wij drie aanvragen die voldoen aan de voorwaarden. Het aangevraagde subsidiebedrag is afhankelijk van de totale investering en het ledenaantal van de vereniging. De investeringen zijn van belang, omdat de verenigingen niet kunnen voldoen aan de benodigde trainings- en wedstrijdcapaciteit (voetbal) en het clubgebouw (tennis) sterk verouderd is. Zonder gemeentelijke subsidie zullen de verenigingen zelf een geldlening moeten afsluiten voor dit tekort, dit heeft negatieve gevolgen voor de liquiditeit en toekomstbestendigheid.
Sportclub Lochem vraagt € 125.000 voor aanleg van een kunstgrasveld en het plaatsen van ledverlichting. De totale investering bedraagt ongeveer € 660.000. Naast de gemeentelijke subsidie bestaat de dekking uit eigen middelen, subsidie van het Rijk en een geldlening.
VV Witkampers vraagt € 97.164 voor aanleggen van twee O2-voetbalvelden en het plaatsen van ledverlichting. In totaal bedraagt de investering ongeveer € 389.000. De dekking bestaat uit gemeentelijke subsidie, eigen middelen, subsidie van het Rijk en een geldlening.
TC Laerveld vraagt € 14.000 voor aanpassing van de kleedgelegenheid, opslagruimte, vergaderruimte en invalide toilet. In totaal bedraagt de investering ongeveer € 150.000. Naast de gemeentelijke subsidie bestaat de dekking uit eigen middelen en subsidie van het Rijk.

In de regeling is opgenomen dat voldoen aan de voorwaarden niet automatisch recht geeft op toekenning, maar dat er een afweging moet worden gemaakt bij de kadernota. De druk op de begroting voor 2021 blijft onverminderd hoog en de verwachte ruimte in de exploitatie is er helaas niet deze aanvragen, met een totaal van ruim € 236.000 nu toe te kennen. Toekenning zou direct leiden tot extra bezuinigingen op andere beleidsvelden en financieren uit de algemene reserve is niet gebruikelijk.

Wij gaven invulling aan de motie ‘Grip op externe organisaties’
Bij het vaststellen van de begroting 2020 nam de gemeenteraad de motie ‘Grip op externe organisaties’ aan. In die motie is het college gevraagd” het positieve effect van de plannen van aanpak en de nog te versturen brieven inzichtelijk te maken bij de Kadernota 2021 en te verwerken in het meerjarenperspectief”.

De gemeente heeft een aantal taken belegd bij externe partners via gemeenschappelijke regelingen (GR’ en). Een deel van de stijgende kosten voor de gemeente wordt veroorzaakt door stijgende kosten bij deze organisaties. Geconstateerd is dat zij een bijdrage moeten leveren aan het beheersen van hun kosten.
Allereerst is dat de afgelopen maanden gebeurd door mondelinge inbreng van de portefeuillehouders in hun rol als bestuurslid van het dagelijks- en/of algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regelingen (GR-en). Omdat een gemeenschappelijke brief vanuit de gemeenten uit de Achterhoek niet haalbaar bleek, is besloten een brief namens het college van Lochem te versturen aan de individuele GR-en. Met daarin een verwijzing naar de inhoud zoals die mondeling is ingebracht door de portefeuillehouder.

Het resultaat verschilt per GR. Bij een aantal GR-en is er een beperking van de meerkosten, maar die zijn niet zichtbaar in de begroting. Bij de ODA kunnen we bijvoorbeeld zelf de afname van producten beïnvloeden en daarmee de kosten. Maar ook bleek bij een aantal GR-en (nog) geen resultaat haalbaar, of is nog meer tijd nodig om voorstellen uit te werken. Er zijn ook factoren die niet beïnvloedbaar zijn en bij een aantal moeten we zelfs constateren dat de kosten stijgen.

Het formele moment van de gemeenteraad om invloed uit te oefenen op een verbonden partij is bij de behandeling van de begrotingen. De raad kan dan een zienswijze inbrengen. Het is vervolgens aan het Algemeen Bestuur van een verbonden partij om de zienswijzen aan te nemen en daar iets mee te doen. Het college zal in een aantal gevallen dan ook een voorstel doen voor het inbrengen van een zienswijze, in het verlengde van de inbreng in het bestuur.
In bijlage 7 geven wij een overzicht van de stand van zaken per verbonden partij.

Het financieel vooruitzicht is op termijn structureel sluitend, de nabije toekomst is onzeker
Onze structurele financiële positie is niet gunstig. Door toenemende vergrijzing en het abonnementstarief stijgen de kosten voor Ondersteuning Thuis. De extra kosten verwerkten wij in de financiële mutaties van deze kadernota. Met ombuigingen houden we de financiële balans voor nu in evenwicht. Voor de nabije toekomst kennen we flinke onzekerheden. Naast de financiële gevolgen van de coronacrisis en de oplopende uitgaven in het sociaal domein, baart de herverdeling van het Gemeentefonds ons zorgen. Dit zien we terug in de forse toename van de structurele risico’s.
Wij lichten de verschillende aspecten die een rol spelen bij de afwegingen rond onze financiële positie zo goed mogelijk toe in dit hoofdstuk. Onderstaand financiële perspectief is een doorkijk met de kennis van nu.

De financiële positie na verwerking van alle voorstellen in deze kadernota ziet er zo uit:

 

Bedragen in €        - = nadeel
  2020 2021 2022 2023 2024
Saldo (meerjaren)Begroting 2020 0 355.000 581.000 1.245.000 1.245.000
Amendement Brw.kazerne Almen (burap 2019) 12.000 12.000 12.000 12.000 12.000
Saldo (meerjaren)Begroting 2020 gewijzigd 12.000 367.000 593.000 1.257.000 1.257.000
           
Financiële mutaties           
Vastgesteld door de Raad:          
Nota Waarderen, adviseren en afschrijven (raad 9-3-2020) 145.000 35.000 10.000 5.000 0
Saldo na besluiten Raad 157.000 402.000 603.000 1.262.000 1.257.000
           
Financiële mutaties           
Vastgesteld door de BenW:          

't Baken formatie

't Baken software

-733.000

-12.000

-458.000

-47.000

-458.000

-47.000

-458.000

-47.000

-458.000

-46.000

Ondersteuning Thuis (huisbezoeken) -48.000        
Nieuwbouw scholen Laren (extra investering van € 1,1 mln)       -46.000 -46.000
Saldo na besluiten BenW -636.000 -103.000 98.000 711.000 707.000
           
Kadernota 2021:          
Nieuw beleid (bijlage 2) -110.000 -1.044.000 -656.000 -656.000 -592.000
Financiële mutaties (bijlage 3) 419.000 802.000 -1.841.000 -2.043.000 -1.375.000
Saldo

-327.000

-345.000 -2.399.000 -1.988.000 -1.260.000
Totaal ombuigingen (bijlage 4) 305.000 565.000 903.000 1.159.000 1.289.000
Onttrekking Algemene Reserve
(dekking begrotingstekort)
    1.496.000 829.000  
Begrotingssaldo Kadernota 2021 -22.000 220.000 0 0 29.000

Wij zetten een deel van de algemene reserve in
Voorliggende kadernota is structureel sluitend in 2024. De twee jaren daarvoor laten tekorten zien. -22.000Het realiseren van het financieel effect van de ombuigingen kost tijd. Dit betekent dat de tijdelijke tekorten met incidenteel geld moeten worden gedekt. Voor de tekorten in 2022 (€ 1.496.000) en 2023 (€ 829.000) stellen wij voor gebruik te maken van de algemene reserve. De reservepositie van Lochem blijft gunstig en ruim voldoende om risico’s op te vangen. Mede doordat de definitieve ontvangsten van € 7,7 miljoen van de precariogelden 2016 tot en met 2019 zijn verwerkt in de jaarrekening 2019. De opbrengsten over 2016 tot en met 2018 van Liander werden gestort in een voorziening in afwachting van de uitkomst van de bezwaarprocedures. Liander trok de procedures van 2016 en 2017 in. Voor 2019 is geen bezwaar ontvangen. Deze opbrengsten zijn nu definitief. Over 2018 loopt er nog een pro forma bezwaar. Op basis van de ervaringen 2016 en 2017 rekenen wij erop dat dit bezwaar niet wordt doorgezet. De opbrengst verwerkten wij in de jaarrekening 2019.
De opbrengsten voor 2020 en 2021 voegen wij met deze kadernota toe aan het begrotingssaldo. Op basis van de afloop van de voorgaande jaren gaan wij ervan uit dat er geen bezwaar meer wordt gemaakt.
Deze ontwikkeling van het vrijkomen van de precariogelden, stelt ons in de gelegenheid om de motie ‘Initiatiefrijk Lochem’, die de raad aannam bij de Kadernota 2018, op te pakken. De uitvoering van deze motie is gekoppeld aan de beschikbaarheid van de financiële middelen uit de precarioheffing. Met de motie besloot de raad een deel van de precariogelden te bestemmen voor het ontwikkelen en uitvoeren van maatschappelijke initiatieven. 
De afgelopen periode is op verschillende manieren meegewerkt aan maatschappelijke initiatieven. Wij ervaren hier absoluut meerwaarde en zetten dit voor de toekomst door. De ontvangen precariogelden kunnen hierbij worden ingezet. Hoe en in welke mate moet nog worden bezien. De verwachte begrotingstekorten vragen met voorrang om inzet van de precariogelden.

De gevolgen van de coronacrisis zijn nog niet bekend
De onzekerheid neemt door de coronacrisis exponentieel toe voor zowel de korte als lange termijn. De komende periode gaan we kijken wat de recente ontwikkelingen voor Lochem betekenen. Het is nu nog te vroeg om bedragen te noemen. Daarvoor is meer inzicht nodig en het is moeilijk te voorspellen wanneer dat er is. Op zijn vroegst zal dat met de afronding van de begroting 2021 zijn. In deze kadernota nemen we daarom nog geen voorziening of reservering op. We gaan graag met de gemeenteraad in gesprek hoe daar vorm aan te geven. Belangrijk daarbij is het hebben van inzicht in de incidentele en structurele gevolgen. Met onze gunstige reservepositie is het mogelijk de eerste nadelige gevolgen op te vangen. De effecten van de crisis zullen nog lang doorwerken.

Onze reservepositie en risicoprofiel
Voor de beoordeling van de financiën zijn ook de incidenteel beschikbare middelen van belang. Onze belangrijkste reserve is de Algemene Reserve. Onderstaand geven wij het meerjarig verloop van deze reserve en een toelichting op het risicoprofiel.

 

Bedragen in €

Overzicht verloop algemene reserve 2015-2024

Stand 31-12-2014

           18.031.000

werkelijk

toevoeging

        2.494.000

 

onttrekking

         -2.444.000

 

Stand 31-12-2015

        18.080.000

werkelijk

toevoeging

           1.565000

 

onttrekking

         -2.292.000

 

Stand 31-12-2016

        17.353.000

 werkelijk

toevoeging

           1.695.000

 

onttrekking

         -5.078.000

 

Stand 31-12-2017

        13.970.000

werkelijk

toevoeging

           7.245.000

 

onttrekking

         -4.367.000

 

Stand 31-12-2018

        16.848.000

werkelijk

toevoeging

           2.480.000

 

onttrekking

         -1.400.500

 

Stand 31-12-2019

        17.927.500

raming

toevoeging

              689.000

 

onttrekking

         -2.446.500

 

Stand 31-12-2020

        16.170.000

raming

toevoeging

              1.005.000

 

onttrekking

         -435.000

 

Stand 31-12-2021

        16.740.000

raming

toevoeging

             254.000

 

onttrekking

             -1.721.000

 

Stand 31-12-2022

        15.273.000

raming

toevoeging

              368.000

 

onttrekking

            -829.000

 

Stand 31-12-2023

        14.812.000

raming

toevoeging

           

 

onttrekking

                         

 

Stand 31-12-2024

        14.812.000

raming

Het overzicht is inclusief de raadsbesluiten t/m maart 2020, de werkelijke mutaties jaarrekening 2019 en de geraamde mutaties kadernota 2020.
Het overzicht is exclusief het jaarrekeningresultaat 2019 en de overheveling van restant budgetten 2019 naar 2020.

De omvang van onze risico’s neemt toe
Bij het uitvoeren van de gemeentelijke activiteiten houden wij rekening met de risico’s die wij als gemeente lopen. De risico’s brengen wij in beeld bij de documenten in onze planning & controlcyclus. Dit is onder meer van belang om een goede afweging te maken over de inzet van de algemene reserve.

Ten opzichte van de stand bij de Begroting 2020 neemt de omvang van de structurele risico’s toe van € 1.453.200 (inclusief amendement Risico Scholenbouw Laren - begroting 2020) naar € 2.753.100. Dit komt met name door het nieuwe risico ‘Herverdeling Gemeentefonds’.

De incidentele risico’s nemen toe van € 1.620.500 (inclusief amendement Risico Scholenbouw Laren - begroting 2020) naar € 1.865.250. Dit komt met name door het nieuwe risico ‘Opheffen onbewaakte spoorwegovergangen’.

In onderstaande tabel geven wij een overzicht van alle risico’s met de mogelijke financiële gevolgen. In bijlage 6 vindt u een totaal overzicht van de risicobeschrijvingen.

Overzicht risico's  Bruto bedrag  Kans  Nettobedrag 
Structureel
1 Herverdeling Gemeentefonds nieuw            2.250.000 70%             1.575.000
2 Aantal cliënten Ondersteuning Thuis nieuw            850.000 50%             425.000
3 Toerekening uren investeringen/grondexploitaties bestaand            675.000 30%             202.5000
4 Duurzaam beheer laanbomen buitengebied nieuw            175.000 70%              122.500
5 Nieuwe Wet inburgering per 2021 nieuw            170.000 50%              85.000
6 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen nieuw            102.000 70%              71.400
7 Stijgende bouwkosten bestaand            100.000 70%              70.000
8 Beoordeling van initiatieven grootschalige energie opwek nieuw             75.000 70%             52.5000
9 Jeugdhulp, extra middelen 2022 en verder bestaand             410.000 10%                41.000
10 Onbenutte ruimte BTW-compensatiefonds bestand 75.000 50% 37.500
11 Omgevingswet bestaand 370.000 10% 37.000
12 Toename kosten meldingen huiselijk geweld en kindermishandeling bestaand 30.000 70% 21.000
13 Brandweerkazerne Almen nieuw 11.000 70% 7.700
14 Renterisico bestaand 50.000 10% 5.000
15 Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) vervalt - 0% -
16 Jeugdhulp Zorg in Natura vervalt - 0% -
17 Beheer eikenprocessierups vervalt - 0% -
18 Beheer Japanse duizendknoop (JDK) vervalt - 0% -
19 Capaciteit 't Baken vervalt - 0% -
20 Scholenbouw Laren vervalt - 0% -
Saldo structurele risico's  2.753.100
Incidentele risico's
21 Grondexploitaties                                                                                                       bestaand                      860.000
22 Opheffen onbewaakte spoorwegovergangen nieuw           887.500 50%             443.750
23 Wijziging Woonplaatsbeginsel Jeugdhulp nieuw         500.000 50%             250.000
24 Garanties bestaand            365.000 50%             182.500
25 Afwikkeling GR Delta nieuw           300.000 30%              90.000
26 Plus OV bestaand 130.000 30% 39.000
27 Rondweg Lochem vervalt                    -   0%                     -  
28 Lochemsebrug vervalt                    -   0%                     -  
29 Etalage naar de Toekomst vervalt                    -   0%                     -  
Saldo incidentele risico's  1.865.250


Om makkelijk te beoordelen en vergelijken werken wij met een ratio weerstandsvermogen

Dit is een getal dat weergeeft of wij voldoende financiële reserve hebben om risico’s op te vangen. Wij maken onderscheid in structureel en incidenteel. Bij de structurele ratio delen we de onbenutte belastingcapaciteit door de som van de structurele risico’s. De onbenutte belastingcapaciteit en het bedrag voor onvoorzien is € 5.750.000. Bij de incidentele ratio delen we het vrij besteedbaar deel van de algemene reserve door de som van de incidentele risico’s. Onderstaand geven wij de berekening van de ratio:

Ratio structureel weerstandvermogen:

5.750.000            =       2,1
2.753.100

Ratio incidenteel weerstandsvermogen:

14.812.000         =       7,9
  1.865.250

Ons weerstandsvermogen is uitstekend
Om de ratio van het weerstandsvermogen te beoordelen, gebruiken wij de volgende beoordelingstabel:

Beoordelingstabel weerstandsvermogen

Schaal

Ratio weerstandsvermogen

Betekenis

A

> 2,0

Uitstekend

B

1,4 < x < 2,0

Ruim voldoende

C

1,0 < x < 1,4

Voldoende

D

0,8 < x < 1,0

Matig

E

0,6 < x < 0,8

Onvoldoende

F

< 0,6

Ruim onvoldoende

Bron: De beoordelingstabel weerstandsvermogen is opgesteld door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR)


Ten opzichte van de Begroting 2020 daalt het ratio voor het structurele weerstandsvermogen van 4,0 naar 2,1. Ook nu valt deze nog in schaal A en is daarmee uitstekend. De herverdeling van het gemeentefonds door het Rijk (zie risico’s) heeft voor ons dus mogelijk grote financiële nadelige gevolgen, wat er voor zorgt dat het structurele weerstandsvermogen halveert.

Ten opzichte van de Begroting 2020 neemt het ratio voor het incidentele weerstandsvermogen af van 8,1 naar 7,9. Ook nu valt deze ruim in schaal A en is daarmee uitstekend.
Tegenover de toename van de risico’s, staat een toename van de algemene reserve doordat bij de jaarrekening 2019 er minder is onttrokken dan geraamd. Onze reservepositie is uitstekend en laat het toe de eerste klap van de corona-crisis op te vangen.

De beoordeling van het ratio weerstandsvermogen is een momentopname. Op dit moment zijn het jaarrekeningresultaat 2019 en de overheveling van de restant budgetten van 2019 naar 2020 nog in bewerking. Deze zitten daarom niet in de stand van de algemene reserve.

Naast de algemene reserve hebben we ook nog bestemmingsreserves
We spraken met de raad af bij het vaststellen van de nota reserves en voorzieningen (raad 9 maart 2020) vanaf de kadernota 2021 ook een meerjarig overzicht van alle reserves op te nemen als bijlage. Daarbij geven we aan welke geraamde incidentele (I) en structurele (S) toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves er zijn.
In bijlage 8 nemen we dit overzicht op. Het overzicht is inclusief de raadsbesluiten t/m maart 2020, de werkelijke mutaties jaarrekening 2019 en de geraamde mutaties kadernota 2020.
Het overzicht is exclusief het jaarrekeningresultaat 2019 en de overheveling van restant budgetten 2019 naar 2020.

Beslispunt 2:
Instemmen met het bijstellen van de begroting met alle incidentele en structurele financiële mutaties uit bijlage 3

Beslispunt 3:
Instemmen met:
a. de ombuigingen voor het jaar 2020 met een totaalbedrag van € 305.000. Het gaat om de volgende ombuigingsmaatregelen:

  Omschrijving I / S 2020
  Activiteit    
3. Netwerkkaart I 100.000
11. Gesubsidieerde arbeid S 95.000
16. Jeugdhulp PGB S 50.000
17. Tegemoetkoming zorgkosten S 60.000
  Totaal ombuigingen   305.000


b. de ombuigingsmaatregelen vanaf het jaar 2021 en verder opnieuw betrekken bij het opstellen van de Begroting 2021.

Beslispunt 4:
Instemmen met de onttrekking voor een bedrag van € 1.496.000 (2022) en € 829.000 (2023) uit de algemene reserve ter dekking van het begrotingstekort,