Overig

Terug naar navigatie - Wat willen we bereiken?

0.4 Overhead

Terug naar navigatie - 0.4 Overhead

Hier vallen alle kosten onder die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Het primaire proces betreft alle activiteiten die rechtstreeks een bijdrage leveren aan producten of diensten. De voorschriften van verslaglegging schrijven voor, dat wij alle overheadkosten als totaal in beeld brengen. In de programma’s geven wij alle kosten weer die te maken hebben met het primaire proces.

 

Wat gaan we daarvoor doen?

0.9 Vennootschapsbelasting

Terug naar navigatie - 0.9 Vennootschapsbelasting

De heffing vennootschapsbelasting maakt onderdeel uit van het resultaat in de begroting en jaarrekening. Deze heffing staat als een centrale post in de begroting. Er vindt geen toerekening plaats aan programma’s. We doen aangifte over het totale (gesaldeerde) resultaat van de vennootschapsplichtige activiteiten. 

Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Wat mag het kosten?
(bedragen x € 1.000)
OVERIG Overhead, VpB, Mutaties Reserves Werkelijk Begroting Begroting Meerjarenbegroting
2023 2024 2025 2026 2027 2028
Baten 3.287 6.178 6.794 2.440 1.842 1.742
0.4 Overhead 246 270 270 270 270 270
0.10 Mutaties reserves 3.042 5.909 6.524 2.171 1.573 1.473
Lasten 20.163 14.192 13.418 12.939 11.491 11.520
0.4 Overhead 3.973 4.054 3.765 3.765 3.782 3.782
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) 92 0 0 0 0 0
0.10 Mutaties reserves 5.420 2.428 2.022 1.536 134 163
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 2.131
Kapitaallasten 747 1.034 1.012 1.020 1.019 1.019
Loonkosten 7.799 6.677 6.619 6.618 6.556 6.556
Totaal programma OVERIG Overhead, VpB, Mutaties Reserves -16.876 -8.014 -6.624 -10.499 -9.649 -9.778
Baten - toelichting fluctuaties - vergelijking begroting 2025 t.o.v. begroting 2024
0.10 De mutaties in de reserves fluctueren per jaar. In het meerjarig overzicht reserves (bijlage 5) staat een specificatie van deze mutaties.
Lasten - toelichting fluctuaties - vergelijking begroting 2025 t.o.v. begroting 2024
0.4 In 2024 namen we incidenteel € 59.500 op voor aanpassing inrichting gem. huis groenvoorziening binnen. Met de bestuursrapportage hevelen we dit bedrag over naar 2025
0.4 In 2024 namen we incidenteel € 25.000 meer op voor taxatie panden brandverzekering.
0.4 In 2024 namen we incidenteel € 50.000 meer op voor toekomstbestendige ICT.
0.4 In 2024 namen we incidenteel € 60.000 meer op voor vernieuwen functiewaarderingssysteem.
0.4 In 2024 namen we incidenteel € 35.000 meer op voor aanbesteding nieuwe zaaksysteem.
0.10 De mutaties in de reserves fluctueren per jaar. In het meerjarig overzicht reserves (bijlage 5) staat een specificatie van deze mutaties.

Toelichting algemene lasten

Terug naar navigatie - Toelichting algemene lasten

Elk programma in de begroting kent uitgaven voor loonkosten en kapitaallasten. Hieronder lichten we de fluctuatie begroting 2024 ten opzichte van begroting 2025 toe op het totaal  van de loonkosten en kapitaallasten.

 

Toelichting kapitaallasten

De kapitaallasten in 2024 zijn € 540.000 lager dan in 2025. Het verschil is ontstaan door de geplande investeringen. O.a. Walderpoort fase 1 € 130.000, Deventerweg € 11.000, Reudinkbrug € 71.000, Nieuwbouw scholen Laren € 290.000 en overige investeringen € 38.000.

 

Toelichting loonkosten

De loonkosten in 2024 zijn € 212.000 lager dan in 2025. Het verschil is ontstaan door de reguliere prijsindexatie van de loonsom € 910.000 (hogere lasten). Een administratieve wijziging van € 604.000 (lagere lasten) in de presentatie van de loonkosten voor de opvang van Oekraïners. De salarislasten voor de opvang van Oekraïners zijn opgenomen in programma 6. Het overige verschil van € 94.000 (lagere lasten) is ontstaan door budgetten die incidenteel beschikbaar waren voor 2024. 

Totaaloverzicht baten en lasten van de programma's

Terug naar navigatie - Totaaloverzicht baten en lasten van de programma's

Hieronder volgt het totaaloverzicht baten en lasten voor de komende jaren. In het overzicht staan ook de onttrekkingen en de toevoegingen aan de reserves. Het overzicht is op 'stand' Kadernota 2025.

( Bedragen x € 1.000 )
2025 2026 2027 2028
Programma baten lasten saldo baten lasten saldo baten lasten saldo baten lasten saldo
0 - Bestuur en ondersteuning 440 2.840 -2.400 440 2.792 -2.352 440 2.809 -2.369 440 2.809 -2.369
1 - Veiligheid 50 3.542 -3.492 50 3.690 -3.640 50 3.783 -3.733 50 3.783 -3.733
2 - Verkeer, vervoer en waterstaat 410 7.993 -7.583 410 7.189 -6.779 410 7.252 -6.842 410 7.115 -6.705
3 - Economie 2.009 1.821 188 2.009 1.814 195 2.009 1.822 187 2.009 1.822 187
4 - Onderwijs 347 3.373 -3.026 280 3.332 -3.052 280 3.381 -3.102 280 3.381 -3.102
5 - Sport,Cultuur en Recreatie 920 8.800 -7.879 910 8.769 -7.858 728 8.825 -8.096 728 8.824 -8.096
6 - Sociaal domein 12.890 42.253 -29.363 8.196 37.086 -28.890 8.082 36.771 -28.689 8.082 36.771 -28.689
7 - Volksgezondheid en Milieu 11.881 13.945 -2.064 11.547 13.476 -1.930 11.577 13.513 -1.936 10.902 12.838 -1.936
8 - Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Stedelijke vernieuwing 2.936 5.788 -2.853 3.135 5.740 -2.606 3.087 5.592 -2.505 2.278 4.607 -2.329
Totaal programmas 31.882 90.354 -58.473 26.975 83.888 -56.913 26.662 83.747 -57.085 25.178 81.951 -56.772
Algemene Dekkingsmiddelen 75.373 10.601 64.772 72.669 9.115 63.555 74.930 10.827 64.104 76.664 12.778 63.887
Overhead 270 11.396 -11.126 270 11.404 -11.134 270 11.357 -11.087 270 11.357 -11.087
Totaal saldo van baten en lasten 107.525 112.352 -4.827 99.915 104.407 -4.492 101.862 105.931 -4.069 102.112 106.085 -3.973
Algemene reserve 5.150 90 5.060 873 78 795 0 0 0 0 0 0
Reserve kapitaallasten 1.274 114 1.160 1.198 109 1.089 1.198 109 1.089 1.198 109 1.089
Reserve wegenonderhoud 100 0 100 100 0 100 100 0 100 0 0 0
Reserve sportvoorziening 0 500 -500 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Reserve ontheemden opvang en huisvesting 0 1.275 -1.275 0 1.275 -1.275 275 275 275 0 275
Reserve grondexploitatie 0 43 -43 0 74 -74 0 25 -25 0 54 -54
Totaal mutaties reserves 6.524 2.022 4.502 2.171 1.536 635 1.573 134 1.439 1.473 163 1.310
Begrotingssaldo 114.049 114.374 -325 102.085 105.942 -3.857 103.434 106.064 -2.630 103.585 106.248 -2.663

Een sluitende (meerjaren)begroting; de financiële techniek

Terug naar navigatie - Een sluitende (meerjaren)begroting; de financiële techniek

De provincie Gelderland is financieel toezichthouder. Het is van belang en wettelijk verplicht dat wij een structureel sluitende meerjarenbegroting hebben. De provincie ziet er op toe dat we een  structureel sluitend begrotingssaldo hebben. 
Op basis van de wettelijke voorschriften moet minimaal de begroting voor het volgende jaar (2025) structureel en reëel in evenwicht zijn. De structurele lasten worden gedekt door structurele baten. . Met reëel evenwicht wordt bedoeld dat de geraamde baten en lasten volledig en realistisch zijn. Als 2025 niet structureel en reëel in evenwicht is, dan moeten wij aannemelijk maken dat het evenwicht in de eerstvolgende jaren (uiterlijk 2028) tot stand komt.
 
Om te bepalen of we een structureel sluitende meerjarenbegroting hebben, is onderscheid tussen structureel en incidenteel van belang. In principe zijn alle gemeentelijke baten en lasten structureel. In de praktijk komen ook incidentele baten en lasten voor. Bij de bepaling van het structurele evenwicht betrekken wij het overzicht incidentele baten en lasten (zie bijlage 4). Door de incidentele baten en lasten uit het begrotingssaldo te halen, ontstaat het structureel begrotingssaldo. 
 
Uit het hoofdstuk Financiële positie blijkt dat we de komende jaren negatieve begrotingssaldi hebben. We zijn in het najaar van 2024 gestart met het in beeld brengen van bezuinigingsmaatregelen om in de Kadernota 2026 een structureel sluitende meerjarenbegroting te presenteren. Voor 2025 maken we begroting structureel sluitend door een onttrekking aan de Algemene Reserve. Daarmee voldoen wij aan de eisen van het financieel toezicht.

Onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves zijn van invloed op de financiële positie

Terug naar navigatie - Onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves zijn van invloed op de financiële positie

De belangrijkste reserve in relatie tot onze financiële positie is de Algemene Reserve. Naast de Algemene Reserve zijn er nog diverse bestemmingsreserves. Deze reserves kennen een specifiek bestedingsdoel. In bijlage 5 nemen we een meerjarig overzicht van alle reserves op. We geven daarbij aan welke geraamde incidentele (I) en structurele (S) toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves er zijn. Ook is te zien hoeveel geld er in de reserves zit.

Om eenmalige projecten te realiseren doen wij soms een beroep op de reserves. Ook worden eenmalige opbrengsten uit bijvoorbeeld de grondexploitaties toegevoegd aan de Reserve Grondexploitaties. Al deze onttrekkingen en toevoegingen vinden plaats na besluitvorming door de gemeenteraad. De Bestemmingsreserve Kapitaallasten heeft een wat afwijkend karakter. Deze reserve gebruiken wij voor de dekking van kapitaallasten. De kapitaallasten zijn de rente en afschrijving van investeringen. Tegenover de jaarlijkse last in de begroting van de rente en afschrijving staat een jaarlijkse toevoeging aan de begroting ten laste van de reserve kapitaallasten. De onttrekkingen aan de Bestemmingsreserve Kapitaallasten zijn daarmee structureel opgenomen in de begroting. Dit maakt dat de Bestemmingsreserve Kapitaallasten niet vrij besteedbaar is tenzij er voor de wegvallende structurele bijdrage uit de reserve alternatieve structurele opbrengsten zijn.

Naast bovenstaand inzicht in de cijfers van de begroting is ook het risicoprofiel van belang. In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing lichten wij dit toe. In de paragraaf wordt ook de relatie gelegd met de Algemene Reserve.